De deputatie van Vlaams-Brabant heeft zopas het ruimtelijk uitvoeringsplan 'zonevreemde bedrijven' van de stad Diest goedgekeurd. Hierdoor zijn vijf bedrijven niet meer zonevreemd en kunnen ze hun activiteiten op hun huidige locaties behouden.
"Dankzij de goedkeuring van het ruimtelijk uitvoeringsplan 'zonevreemde bedrijven' van Diest kunnen bouwmaterialen Stals in Molenstede, het agrobedrijf Nackaerts op de Vleugt, garagehouder Deboutte en schrijnwerkerij Verboven in Schaffen en feestzaal Hof te Rhode hun activiteiten op de huidige locatie behouden", zegt Julien Dekeyser, bevoegd voor ruimtelijke ordening.
Deze beslissing bevestigt de eerder afgeleverde planologische attesten voor deze bedrijven. De onzekerheid of ze op hun huidige locatie kunnen blijven en/of ere eventueel nog aanpassingen of uitbreidingen mogelijk waren, verdwijnt hiermee voorgoed.
"Met dit plan spelen we ook in op de economische ontwikkeling en tewerkstelling in onze regio", besluit de gedeputeerde.
Door de recente goedkeuring door de deputatie van Vlaams-Brabant van het ruimtelijk uitvoeringsplan 'Racing Butsel' van Boutersem zijn de voetbalvelden van Racing Butsel niet meer zonevreemd.
"Dankzij de goedkeuring van dit ruimtelijk uitvoeringsplan kan er naast de voetbalvelden van Racing Butsel een nieuw clubhuis en parkings komen", zegt gedeputeerde voor ruimtelijke ordening Julien Dekeyser.
De terreinen van Racing Butsel liggen aan de Sterrebornestraat, naast de kapel van Sterreborne. Het plan mag het lokale karakter van de site niet aantasten.
"Ook zal de recreatiezone maximaal in het landschap ingepast worden. Er komt een groene buffer rond de terreinen zodat de impact op de omgeving en voor de buurtbewoners tot een minimum beperkt blijft", aldus de gedeputeerde.
Het ruimtelijk uitvoeringsplan 'sportinfrastructuur' van Scherpenheuvel-Zichem werd zopas goedgekeurd door de deputatie. Hierdoor kan de sportinfrastructuur rond de sporthal in Scherpenheuvel uitgebreid worden.
"Met deze goedkeuring van dit ruimtelijk uitvoeringsplan scheppen we duidelijkheid over waar de verschillende sportfaciliteiten te bundelen en uit te bouwen en hoe we aan de behoeften die leven binnen de gemeente kunnen voldoen", zegt Julien Dekeyser, gedeputeerde voor ruimtelijke ordening.
Momenteel vragen de sportverenigingen de bouw van een nieuwe turnhal en de aanleg van een omnisportterrein. In de toekomst kunnen er ook nog andere terreinen en parking bijkomen.
"Nu kunnen de gronden van de kerkfabriek omgezet worden naar recreatiegebied waardoor de realisatie van dit project snel kan volgen", aldus nog Julien Dekeyser.
Het Open VLD-bestuur van de regio Aarschot-Diest-Haacht heeft Julien unaniem aangeduid als lijsttrekker voor de provincieraadsverkiezingen 2012 voor de regio Aarschot-Diest-Haacht.
In 2006 werd Julien voor een tweede ambtstermijn tot gedeputeerde van de provincie Vlaams-Brabant verkozen. Tot de volgende verkiezingen heeft hij er volgende beleidsdomeinen onder zijn bevoegdheden : ruimtelijke ordening en stedenbouw, mobiliteit en verkeer, personeel en welzijn op het werk.
Julien zal nu een oproep doen tot valabele kandidaten, zowel mannen als vrouwen, om de regio Aarschot-Diest-Haacht zo sterk mogelijk te kunnen vertegenwoordigen in de nieuwe provincieraad van Vlaams-Brabant. Momenteel beschikt deze regio met Julien Dekeyser uit Boortmeerbeek, Ann Schevenels uit Keerberen en Christel Verlinden uit Aarschot over drie mandatarissen in de provincieraad.
De provincie Vlaams-Brabant investeerde in 2011 fors in fietspaden. Het voorbije jaar krgen Affligem, Bekkevoort, Boortmeerbeek, Grimbergen, Haacht, Herent, Kampenhout, Kapelle-op-den-Bos, Kortenaken, Kortenberg, Landen, Machelen, Opwijk, Oud-Heverlee, Rotselaar, Scherpenheuvel-Zichem, Ternat, Tremelo, Wezembeek-Oppem, Zaventem en Zoutleeuw financiële steun voor fietspaden. De provincie zet haar fietspadenbeleid dit jaar verder.
In 2011 gaf de provincie voor zo'n 1,7 miljoen euro subsidies aan nieuwe fietspaden in de volgende gemeenten : Bekkevoort (Netelzeepstraat - 82.246 euro), Kortenaken (Zuurbemdesteenweg - 99.510 euro), Kortenberg (Kwerpsebaan - 260.643 euro), Landen (Overwindenstraat - 59.600 euro), Landen (twee spoorwegroutes - 271.431 euro), Opwijk (Steenweg op Aalst - 278.490 euro), Oud-Heverlee (Waversebaan - 125.241 euro), Scherpenheuvel-Zichem (Engelenberg - 116.394 euro), Scherpenheuvel-Zichem (Testeltsesteenweg - 82.875 euro), Zaventem (Oude Keulsesteenweg - 78.079 euro), Zoutleeuw (Budingenweg en Terweidenstraat - 205.388 euro).
Ook het recreatieve knooppuntennetwerk wordt veiliger en comfortabeler gemaakt voor de fietsers. De provincie heeft dit jaar twee projecten gesubsidieerd voor een totaal van 95.000 euro : Bekkevoort (Beekstraat - 55.183,51 euro) en Scherpenheuvel-Zichem (fietsweg naar Maagdentoren - 39.168 euro).
Verder gaat er ruim 120.000 euro subsidies naar twee nieuwe fietsbruggen over de Dijle : Haacht en Tremelo (fietsbrug Damiaanbrug - 50.551 euro) en Rotselaar (fietsbrug Hanewijk Werchter - 70.000 euro).
In 2011 vonden in verschillende Vlaams-Brabantse gemeente wegenwerken plaats met als resultaat nieuwe, veilige en comfortabele fietspaden. De provinciale subsidies gingen naar Affligem (Aalsterse Dreef - 183.842 euro - fietsfonds 2010), Boortmeerbeek (Heverbaan - 95.998 euro - fietsfonds 2010), Grimbergen (Strombeeklinde - 191.608 euro - fietsfonds 2010), Herent (Lodewijk van Veltemstraat - 148.447 euro - fietsfonds 2010), Kampenhout (Bogaertweg - 22.737 euro - fietsknooppuntennetwerk 2010), Kampenhout (Oude Brusselsebaan - 27.232 euro - fietsknooppuntennetwerk 2010), Kapelle-op-den-Bos (Meiselaan - 87.238 euro - fietsfonds 2010), Kortenaken (Hoeleden-centrum - 181.635 euro - fietsfonds 2010), Landen (Jonker Janlaan - 46.497 euro - fietsfonds 2010), Machelen en Zaventem (Harenweg - 10.386 euro - fietsfonds 2010), Oud-Heverlee (Neerijsebaan - 82.545 euro - fietsfonds 2010), Scherpenheuvel-Zichem (Boonstraat - 153.575 euro - fietsknooppuntennetwerk 2010), Ternat (verbreding spoorbrug Sluisvijverstraat - 131.218 euro - provinciale subsidies 2010), Wezembeek-Oppem en Zaventem (Perkstraat - 31.907 euro - fietsknooppuntennetwerk 2010), Zaventem (Kleine Everseweg en Oude Keulseweg - 141.265 euro - fietsfonds 2010), Zaventem (Konijneweg - 20.898 euro - fietsknooppuntennetwerk 2010).
Voor fietsroutes gelegen op het bovenlokaal functioneel fietsroutenetwerk bedragen de provinciale subsidies 40 % van de kostprijs van de fietsinfrastructuur. Het Vlaamse Gewest doet er nog eens 40 % subsidies bovenop. Op die manier krijgen gemeenten 80 % subsidies uit het fietsfonds.
"We zullen dit jaar opnieuw een hele reeks fietspaden subsidiëren. De plannen en grondinnames voor nieuwe fietspaden zijn klaar in Asse, Bierbeek, Galmaarden, Herne, Kampenhout, Kapelle-op-den-Bos, Linter, Londerzeel, Machelen, Opwijk, Scherpenheuvel-Zichem, Sint-Pieters-Leeuw en Ternat. Al deze gemeenten zullen hun subsidieaanvraag in 2012 indienen. We voorzien minstens 2,5 miljoen euro om hen aan veilige en comfortabele fietspaden te helpen", zegt Julien Dekeyser, gedeputeerde voor mobiliteit.
"Sinds 1 september 2011 geeft Dr. Mobi mobiliteitsadvies aan Vlaams-Brabantse basisscholen. Projecten die het schoolverkeer veilig en milieuvriendelijk maken kunnen rekenen op onze financiële steun", zegt gedeputeerde voor mobiliteit Julien Dekeyser. "En Dr. Mobi heeft succes. Waar we vorig schooljaar 18 projecten steunden met een budget van 36.000 euro wist Dr. Mobi er 70 los te weken. Samen goed voor 182.868 euro".
De provincie wil de veiligheid van de schoolomgeving en duurzame woon-schoolverplaatsingen stimuleren.
"We werken al jaren actief aan verkeersveilige en duurzame schoolomgevingen. Met het nieuwe reglement dat ingaat op 1 januari 2012 kunnen we nu ook de inspanningen van scholen en gemeenten op infrastructureel vlak financieel steunen", zegt Julien Dekeyser, gedeputeerde voor mobiliteit. "We stelden immers vast dat er bij scholen een grote vraag is naar infrastructurele ingrepen in hun schoolomgeving. Uit de enquëte die begin 2011 werd gelanceerd bij 422 Vlaams-Brabantse basisscholen blijkt dat 31,6 % van de scholen aangeeft behoefte te hebben aan ondersteuning bij de aanpak van de schoolomgeving of de fietsroutes naar school".
Scholen en gemeenten kunnen subsidies aanvragen voor ingrepen in de infrastructuur van de schoolomgeving of prioritaire schoolroutes. Het gaat bijvoorbeeld om het plaatsen van verkeerstekens of borden, de bouw van een fietsenstalling, de plaatsing van paaltjes op het trottoir of het versmallen van de rijbaan. De provincie subsidieert 80 % van de kostprijs voor dit soort ingrepen, met een maximum van 50.000 euro per schoolomgeving. De provincie, de gemeente en de school lijsten voorafgaandelijk de knelpunten op en bekijken dan de maatregelen die genomen moeten worden voor een veiligere schoolomgeving.
Het nieuwe reglement past in een beleid voor veilige schoolomgevingen. Zo zorgt de provincie ook voor de werving van gemachtigde opzichters aan de schoolpoorten en zijn er subsidies voor mobiliteitsprojecten die op een gestructureerde manier educatieve en sensibiliserende initiatieven ontwikkelen voor een veilige en duurzaam woon-schoolverkeer.
Wilt u het nieuwe jaar inluiden op een veilige en leuke manier ? Beseft u ook dat feestvieren en autorijden onder invloed van alcohol, drugs en bepaalde medicatie niet samengaan en zeker niet op oudejaarsavond ? Dan bieden de provincie Vlaams-Brabant en De Lijn Vlaams-Brabant u op 31 december een vlot en veilig vervoersalternatief. Dankzij de campagne 'Ligt de roes op de loer, denk aan veilig vervoer' kunnen de feestvierders kiezen uit 33 omritten met de feestbussen van De Lijn Vlaams-Brabant.
'Op Oudejaar en Nieuwjaarsdag kan men in tal van Vlaams-Brabantse gemeenten de lijnbus nemen om veilig te gaan feestvieren. Daarnaast zorgen enkele gemeenten in lokale busverbindingen voor verplaatsingen dicht bij huis. Feestvierders kunnen dus de auto rustig laten staan en voluit kiezen voor veiligheid en comfort dankzij de provinciale eindejaarscampagne 'Ligt de roes op de loer, denk aan veilig vervoer', zegt Julien Dekeyser, gedeputeerde voor mobiliteit.
Feestvierders kunnen in heel wat Vlaams-Brabantse steden en gemeenten een beroep doen op de oudejaarsnachtbussen van De Lijn. Daarenboven bieden plaatselijke initiatieven extra vervoersmogelijkheden, gratis of tegen een kleine vergoeding, tussen discotheek, café of feestzaal en thuis. In de regio Leuven-Hageland kan men op alle feestbussen gratis reizen dankzij de financiële tussenkomst van de gemeentebesturen. De informatie over de haltes en dienstregelingen van de omritten staan in een brochure. Men vindt deze brochure in de bussen van De Lijn Vlaams-Brabant, in de Lijnwinkels en bij de gemeentebesturen.
De campagne wil rijden onder invloed voorkomen en het gebruik van het openbaar vervoer aanmoedigen. De campagne wordt georganiseerd en gefinancierd door de provincie Vlaams-Brabant, in samenwerking met De Lijn Vlaams-Brabant, gemeentelijke preventie- en jeugddiensten en de federale en lokale politiediensten.
Voor informatie over deze omritten en over de plaatselijke initiatieven kan men terecht op www.vlaamsbrabant.be/eindejaarscampagne en www.delijn.be/oudejaar. Of voor 23 december bellen naar 016-26 78 10. Men kan ook terecht bij het centrale infonummer van De Lijn op 070 220 200, ook tijdens de nacht van Oud op Nieuw.
De deputatie van de provincie Vlaams-Brabant heeft op 24 november jl. het ruimtelijk uitvoeringsplan 'BIA' van Overijse goedgekeurd. Zo is het bedrijf BIA nv niet langer zonevreemd en kan het uitbreiden.
BIA nv ligt langs de Rameistraat en autosnelweg E411 Brussel-Namen en is gespecialiseerd in de distributie van uitrustingsgoederen voor openbare werken, mijn- en steengroeve-ontginning.
"Met de goedkeuring van het ruimtelijk uitvoeringsplan 'BIA' ligt dit bedrijf niet langer zonevreemd. En kan het zijn activiteiten eventueel uitbreiden", zegt Julien Dekeyser, gedeputeerde voor ruimtelijke ordening.
In het uitvoeringsplan houdt men rekening met een optimale bezetting van de terreinen en zijn er voorwaarden naar grootte van de bedrijfsgebouwen. Aansluitend bij de gebouwen kunnen er nieuwe parkeergelegenheden aangelegd worden voor het personeel. Om het bedrijf beter in te passen in de omgeving komt er een groene buffer rondom het terrein.
De deputatie heeft het inrichtingsplan voor de stationswijk te Diest goedgekeurd. Dit inrichtingsplan geeft een ontwikkeling weer van de stationswijk die rekening houdt met de financiële haalbaarheid voor potentiële ontwikkelaars van woonprojecten. Het provinciaal ruimtelijk uitvoeringsplan zal nu worden aangepast om de vooropgestelde ontwikkeling mogelijk te maken.
Ontwikkelaars die zich richten naar het inrichtingsplan zullen makkelijker een bouwvergunning kunnen krijgen voor hun projecten. Het plan voorziet in 80 nieuwe rijwoningen gelegen langs 3 woonerven en ruimte voor 211 appartementen langs de Demerloop. Het gebied moet de schakel worden tussen het station en de binnenstad en uitgroeien tot een volwaardig stadsdeel. Aan het Zwartebeekplein moet een nieuwe woonontwikkeling de stationsomgeving een gezicht geven naar de binnenstad toe. Hier zal de stad op haar eigen gronden een woonproject realiseren met 10 rijwoningen en 20 appartementen.
Daarnaast is er samen met de stad Diest, de NMBS-Holding en De Lijn ook gewerkt aan de opstart van de heraanleg van de zogenaamde 'stationsknoop'. Dit project wil een vernieuwd verkeersluw stationsplein realiseren gekoppeld aan de realisatie van een nieuw busstation, fietsenstallingen, en een kiss&ride. Start van de werken is voorzien begin 2014.
Het nieuwe inrichtingsplan voor de stationswijk en de stand van zaken van de realisatie van het masterplan voor de gehele stationsomgeving zal worden voorgesteld op een infomoment voor de bevolking op donderdag 8 december a.s. om 20uur in het KTA Diest 'Zwaluwnest'.
Vlaanderen voert vandaag de dag een zeer stringent beleid inzake vrijgave en ontwikkeling van de woonuitbreidingsebieden en dit terwijl de vastgoedprijzen de pan uitswingen ! Via een aangepast ruimtelijk structuurplan Vlaams-Brabant wil gedeputeerde Julien Dekeyser de vrijgave en ontwikkeling van woonuitbreidingsgebieden en bedrijvenzones versoepelen.
In het oude ruimtelijk structuurplan werd voornamelijk gefocust op een inplanting van lokale bedrijvenzones in de grootste kern van een gemeente, het zogenaamde hoofddorp. In de praktijk levert dit echter vaak problemen op wanneer er geen geschikte plaatsen beschikbaar zijn bij dat hoofddorp.
Het nieuwe ruimtelijk structuurplan wil de inplanting en de realisatie van de bedrijvenzones versoepelen door inplantingsmogelijkheden te verruimen naar de andere woonkernen, bij een bestaande KMO-zone of een bestaande grote ontsluitingsinfrastructuur.
In dit plan wordt ook bijzondere aandacht besteed aan de uitbreiding van de bedrijventerreinen in het bijzonder economisch knooppunt Kampenhout-Sas. Er wordt gestreefd naar uitbreiding van deze bedrijvenzone met circa 25 ha (streefcijfer). Een gefaseerde ontwikkeling gepaard gaande met de nodige mobiliteitsmaatregelen is prioritair. Loutere afvalverwerkingsactiviteiten en verbrandingsinstallaties worden uitgesloten.
De deputatie heeft het ruimtelijk uitvoeringsplan 'Wolfsdonk Sport' van de stad Aarschot goedgekeurd. Zo is de aanwezige sportinfrastructuur niet meer zonevreemd en kan er uitgebreid worden.
Met het ruimtelijk uitvoeringsplan 'Wolfsdonk Sport' wil de stad Aarschot de sportinfrastructuur op deze locatie uitbreiden. Tegelijkertijd wordt de zonevreemdheid van het gebied opgelost. "Zo zal de weide langs de huidige terreinen plaats bieden aan andere sport- of jeugdverenigingen van Wolfsdonk en kan de parking uitgebreid worden, samen met andere overdekte accommodaties", zegt Julien Dekeyser, gedeputeerde voor ruimtelijke ordening.
Om het gebied beter bereikbaar te maken, komt er in het noorden een doorgang die aansluit op de Senatorlaan. "Het plan biedt de sport- en jeugdverenigingen in Wolfsdonk zekerheid", besluit gedeputeerde Dekeyser.
De provincie Vlaams-Brabant geeft zo'n 260.000 euro subsidies voor de aanleg van nieuwe fietspaden in de Kwerpsebaan in Kortenberg. De Kwerpsebaan vormt de verbinding tussen de kern van Erps-Kwerps en de stationsomgeving van Kortenberg. Aan beide zijden van de rijweg worden aanliggende verhoogde fietspaden aangelegd in een grijze betonverharding. De fietspaden worden 1,75 m breed. Aan de buitenzijde van de fietspaden wordt een dolomietverharding aangelegd. Om de maximale snelheid van 50 km/uur te laten naleven, komen er op regelmatige afstand wegversmallingen. Hierbij wordt telkens één rijstrook ingenomen zodat er geen onduidelijkheid is wie voorrang moet verlenen.
"Momenteel liggen in de Kwerpsebaan geen fietspaden. De vrij hoge verkeersintensiteiten en de snelheidspieken zorgen voor een onveiligheidsgevoel bij de fietsers. De aanleg van nieuwe fietspaden, gecombineerd met lokaal enkele wegversmallingen, zal dus een enorme verbetering zijn met hopelijk veel nieuwe fietsers als resultaat", zegt Julien Dekeyser, gedeputeerde voor mobiliteit.
De fietsroute maakt deel uit van het provinciale bovenlokale functionele fietsroutenetwerk. Een deel van de Kwerpsebaan, tussen de Everbergstraat en de Engerstraat, ligt ook op de non-stop-fietsroute tussen Leuven en Brussel, de zogenaamde 'HST-route'.
De provincie Vlaams-Brabant geeft zo'n 316.000 euro subsidies voor nieuwe fietspaden in de Testeltsesteenweg in Averbode en Hoornblaas in Zichem.
De Testeltsesteenweg is de kortste route tussen de kern van Testelt en deze van Averbode. "De bestaande fietspaden zijn er van slechte kwaliteit en te smal. Daarom worden ze opgebroken. In de plaats komen aanliggend verhoogde rode betonnen fietspaden van 1,75 m breed aan beide kanten van de rijweg. De rijweg wordt versmald zoals nu al het geval is verderop naar Testelt. We voorzien hiervoor 86.000 euro subsidies. De maximumsnelheid van 50 km/u blijft behouden. Het volledige traject van Testelt tot Averbode zal zo heel aangenaam worden voor fietsers", zegt gedeputeerde Julien Dekeyser.
Ook in de Hoornblaas, tussen de Ernest Claesstraat en de Reppelsebaan in Zichem, komen aanliggend verhoogde fietspaden. De Hoornblaas is hier al voorzien van fietspaden, maar deze zijn niet verhoogd en slechts 1,20 m breed. Er is een zeer gevaarlijke rammelstrook die als zeer fietsonvriendelijk wordt ervaren en zal verdwijnen.
"De nieuwe fietspaden worden 1,75 m breed en zullen licht verhoogd worden aangelegd. De snelheid wordt verlaagd naar 50 km/u en de rijbaan wordt versmald. Hiervoor zal de stad een viertal wegversmallingen inbouwen. Ook deze fietspaden zullen in rode beton worden uitgevoerd. We voorzien hiervoor 230.000 euro subsidies", zegt gedeputeerde Dekeyser.
Beide straten maken deel uit van het bovenlokaal functioneel fietsroutenetwerk en zijn geselecteerd als bovenlokale functionele fietsroutes. De fietspaden zullen begin 2012 worden aangelegd.
Enkele jaren na de goedkeuring van het RUP Rock Werchter blijkt dat in de praktijk een aantal van de voorschriften een optimale werking en inrichting in de weg staan. Daarnaast bestaat er de wens van de gemeente Rotselaar om binnen het plangebied af en toe kleinschalige evenementen te laten plaatsvinden.
Om een meer gevarieerd aanbod aan artiesten te kunnen aanbieden, is eveneens de nood ontstaan aan bijkomende podiumruimte, wat een uitbreiding van de festivalweide vraagt. "Deze gewenste aanpassingen sturen aan op een herziening van het bestaande plan", stelt Julien Dekeyser, gedeputeerde voor ruimtelijke ordening. "Tegelijkertijd wordt ook een masterplan opgemaakt dat de invloed van de festivalactiviteiten op de ruimere omgeving in kaart brengt en een oplossing uitwerkt voor elk van de gedetecteerde knelpunten".
De provincieraad heeft in zitting van 4 oktober 2011 het ontwerp van ruimtelijk uitvoeringsplan voorlopig vastgesteld. Het ontwerp zal gedurende de periode van openbaar onderzoek ingekeken kunnen worden op het gemeentehuis van Rotselaar en het provinciehuis. Het openbaar onderzoek loopt nog tot 16 december 2011.
Om de bevolking nog beter op de hoogte te brengen, wordt er een infoavond georganiseerd op donderdag 17 november 2011 om 20u in de gemeentelijke basisschool 'Den Drempel', Sint-Jansstraat 82 in Werchter. Tijdens deze infoavond zal de provincie Vlaams-Brabant, alsook festivalorganisator Live Nation zowel het ruimtelijk uitvoeringsplan als het inrichtingsplan voor de festivalweide uitgebreid toelichten.
31 Vlaams-Brabantse basisscholen behaalden vorig schooljaar het eerste of tweede MOS-logo. 18 basisscholen behaalden ook het eerste, tweede of derde aanvullende MOSmobi-logo. Zij worden in de bloemetjes gezet tijdens de feestelijke logo-uitreiking op 7 oktober 2011.
"MOSmobi is specifiek voor Vlaams-Brabant een uitbreiding van het MOS-thema mobiliteit. Scholen die verkeersveilig én milieuvriendelijk woon-schoolverkeer aanmoedigen ontvangen het MOSmobi-logo en maken aanspraak op subsidies. We keren alles samen bijna 37.000 euro subsidies uit aan 22 deelnemende scholen. Daarmee bekostigen ze bijvoorbeeld de aanleg van een fietsenstalling, de aankoop van verkeerseducatief materiaal of loopfietsjes voor de kleuters. MOSmobi kreeg na vijf succesvolle jaren een opfrisbeurt. Sinds 1 september staat Dr. Mobi de scholen bij met goede raad en ook het subsidiereglement werd vernieuwd", zegt gedeputeerde voor mobiliteit Julien Dekeyser.
De provincieraad van Vlaams-Brabant keurde de actualisatie van het addendum van het ruimtelijk structuurplan Vlaams-Brabant goed. Hierdoor kan het plan zelf bijgestuurd worden. Belangrijkste wijziging is dat de provincie nu afvalverbrandingsactiviteiten in Kampenhout kan uitsluiten.
Het ruimtelijk structuurplan Vlaams-Brabant schept een kader voor de toekomstige ontwikkelingen in de provincie. Hoeveel woningen moeten er nog gebouwd worden en waar ? Moeten er nieuwe bedrijventerreinen ontwikkeld worden, waar moeten deze gelegen zijn en hoe groot zouden ze moeten zijn ? Welke ruimte moet er vrijgehouden worden voor natuur en landbouw ?
"Na zes jaar drong een actualisatie en beperkte herziening van het ruimtelijk structuurplan Vlaams-Brabant zich op. Dit is nodig om de wijzigingen aan het Ruimtelijk Structuurplan Vlaanderen, die begin 2011 werden goedgekeurd in het Vlaams Parlement, te kunnen integreren. De uitgangspunten en kernprincipes van het ruimtelijk structuurplan Vlaams-Brabant blijven behouden. De aanvullingen en wijzigingen worden gebundeld in een addendum", zegt Julien Dekeyser, gedeputeerde voor ruimtelijke ordening.
De provincieraad keurde het ontwerp van 'addendum' goed. Het geeft een overzicht van de wijzigingen. "De wijzigingen gaan over bijsturing van de mogelijkheden voor de bouw van sociale woningen in de woonkernen, verruimde mogelijkheden voor de inplanting van een lokale bedrijvenzone door de gemeenten en een aanpassing van de ontwikkelingsopties in de economische knooppunten Kampenhout-Sas, Londerzeel en Ternat. De goedkeuring is een belangrijke stap om de opmaak van een provinciaal ruimtelijk uitvoeringsplan voor Kampenhout-Sas mogelijk te maken dat onder meer afvalverbrandingsactiviteiten zal uitsluiten op de bedrijvenzones rond Kampenhout-Sas", zegt gedeputeerde Julien Dekeyser.
Na goedkeuring van het ontwerp van 'addendum' kan een openbaar onderzoek georganiseerd worden. Zo kunnen de inwoners van Vlaams-Brabant reageren op de voorgestelde wijzigingen. Het openbaar onderzoek vindt plaats in het najaar van 2011.
"De provincieraad van Vlaams-Brabant stelde de ontwerpen van vier provinciale ruimtelijke uitvoeringsplannen uit Ternat, Tielt-Winge, Overijse en Aarschot voorlopig vast", zegt gedeputeerde voor ruimtelijke ordening Julien Dekeyser.
Het provinciaal ruimtelijk uitvoeringsplan 'De Slaapadviseur' in Ternat maakt de uitbreiding van deze handelszaak in slaapartikelen mogelijk. In de tuinzone komt er een buffer voor het achtergelegen gebied.
In Kraasbeek zal de Stelplaats van De Lijn behouden kunnen blijven op de huidige locatie en zal ze ook kunnen uitbreiden. Dit om de dienstverlening voor de regio te kunnen verzekeren. Het plan maakt ook de bouw van een nieuw dienstgebouw voor het personeel van De Lijn mogelijk.
In Overijse zal de manège 'Rijbanen van Vlaams-Brabant' niet langer zonevreemd liggen. Het provinciaal plan biedt rechtzekerheid voor de eigenaar zodat de activiteiten behouden kunnen blijven.
Het provinciaal ruimtelijk uitvoeringsplan 'Tuincentrum Intratuin' in Aarschot geeft uitbreidingsmogelijkheden aan dat bedrijf. Zo zal er een parking en nieuwe buitenruimte aangelegd worden en zal het bestaande bedrijfgebouw opgefrist worden.
Het openbaar onderzoek voor deze vier plannen loopt van 10 oktober tot en met 9 december 2011. Men kan de ontwerpen inkijken op de gemeentehuizen van Aarschot, Overijse, Ternat en Tielt-Winge en het provinciehuis in Leuven of raadplegen via http://www.vlaamsbrabant.be/ Bezwaren of opmerkingen moeten ten laatste op 9 december 2011 via een aangetekende brief ingediend worden bij de provinciale commissie voor ruimtelijke ordening, Provincieplein 1, 3010 Leuven of bij de gemeentebesturen.
De deputatie heeft het ruimtelijk uitvoeringsplan 'De Koornmolen' van Gooik goedgekeurd.
De gemeente Gooik wil met het ruimtelijk uitvoeringsplan 'De Koornmolen' rond het bestaande sportcentrum 'De Koornmolen' ruimte voor buitensportactiviteiten creëren. In een eerste fase zal er voor de atletiekclub een nieuwe piste aangelegd worden van vier banen. In het zuidelijk gedeelte van het plangebied zullen er eveneens twee voetbalterreinen aangelegd worden.
"De nu zonevreemde sportterreinen van Atletiekclub Pajottenland aan de Dorpsstraat, van SK Gooik aan de Lindestraat, van VC Kester aan de Edingsesteenweg en van Verbroedering Strijland aan de Processiestraat kunnen zo verhuizen naar deze locatie, waar alle voorzieningen aanwezig zullen zijn", zegt gedeputeerde Julien Dekeyser.
In een latere fase zal er voor de recreatieve lopers ook een Finse piste aangelegd worden. Er komt een groene zone tussen de woningen van de Wolvenstraat en het sport- en recreatiepark.
De provincie Vlaams-Brabant brengt een nieuw en uniek lespakket uit met 20 fietsspelletjes voor kinderen. Zo kunnen jonge kinderen vanaf de peutertuin samen met Lowie het fietskonijn leren dat fietsen plezierig is.
"Kinderen die fietsen, zijn gezond en blij. Wie van kinds af al fietsvaardig is heeft daar een leven lang baat bij. De leukste en meest efficiënte fietstraining gebeurt via spel. Kinderen geraken sneller vertrouwd met de fiets wanneer ze remsporen maken of zeepbellen vangen. Kinderen leren al doende en gaan helemaal op in het spel. Zo dragen ook fietsspelletjes bij tot de volledige ontwikkeling van het kind", zegt Julien Dekeyser, gedeputeerde voor mobiliteit. "Daarom publiceren we, de voor Vlaanderen unieke brochure '20 fietsspelletjes. Leuke fietsoefeningen voor alle kinderen'.
In deze brochure staan 20 fietsspelletjes voor peuters en kleuters die gemakkelijk begeleid kunnen worden door ouders of leerkrachten. De brochure gaat ook dieper in op de keuze van het soort fiets, op fietsveiligheid en op de unieke kantjes van het fietsplezier. Tenslotte bevat het boek een leuk verhaal over Lowie. Lowie is meestal een heel braaf konijntje, maar op een dag ziet hij plots de mooiste fiets die hij ooit gezien heeft ...
"Kleuters zijn te klein om zelfstandig aan het verkeer deel te nemen, maar ze zijn niet te klein om te fietsen. En als ze al goed hebben leren fietsen, kunnen ze zich later, wanneer ze zich wel in het verkeer gaan mengen, veel beter concentreren op de verkeersregels, verkeerslichten en andere verkeersdeelnemers", besluit gedeputeerde Dekeyser.
De gratis brochure over de fietsspelletjes kan men aanvragen via www.vlaamsbrabant.be/publicaties
Het permanent wonen in weekendhuisjes en op campings is een oud zeer. De provincie Vlaams-Brabant maakte samen met de gemeenten en een studiebureau een studie van 116 clusters van permanente bewoning in recreatiegebeid in Vlaams-Brabant en stelt nu een oplossing voor.
27 omzettingen naar woongebied
"Voor 27 van die clusters pleit de deputatie voor een (gedeeltelijke) omzetting naar woongebied. Bovendien stellen we 5 woonprojecten voor om de bewoners van de andere clusters op termijn te herhuisvesten", zegt Julien Dekeyser, gedeputeerde voor ruimtelijke ordening. De deputatie baseerde zich voor deze beslissing op uitgebreid ruimtelijk en maatschappelijk onderzoek en op overleg met de gemeentebesturen en de Vlaamse overheid.
De 27 clusters zijn gelegen in Aarschot, Bertem, Bever, Holsbeek, Huldenberg, Kortenberg, Rotselaar, Scherpenheuvel-Zichem, Sint-Pieters-Leeuw, Tielt-Winge en Tremelo. "Om de gewenste herbestemming door te voeren, moeten er ruimtelijke uitvoeringsplannen opgemaakt worden. Daar starten we dit najaar mee", vervolgt gedeputeerde Julien Dekeyser. "Pas dan zal op perceelsniveau duidelijk worden voor welke verblijfsconstructies een woonbestemming aangewezen is".
14 omzettingen naar open ruimte
Voor 14 clusters komt er een herbestemming van recreatiegebied naar open ruimtegebied. Het gaat om gebieden in Aarschot, Begijnendijk, Holsbeek, Huldenberg, Lennik, Leuven, Rotselaar, Ternat en Tremelo. De inwoners van die clusters die aan de voorwaarden voldoen van het declaratief attest uit de Vlaamse Codex Ruimtelijke ordening hebben nog een woonrecht tot minstens 2029 in hun huidige verblijf.
75 gebieden met uitdovende permanente bewoning
Voor 75 clusters komt er geen herbestemming. Die gebieden behouden de huidige bestemming als recreatiegebied of open ruimte gebied. Ook hier geldt een woonrecht tot 2029 voor de bewoners die aan de voorwaarden van het declaratief attest voldoen.
Meer info : tel. 016-26 75 07 of mail naar weekendverblijven@vlaamsbrabant.be
Vanaf 1 september geeft Dr. Mobi mobiliteitsadvies aan Vlaams-Brabantse scholen. De excentrieke dokter met groen haar en fluomantel helpt basisscholen om werk te maken van veilig en milieuvriendelijk schoolverkeer.
"Dr. Mobi ondersteunt de initiatieven van de school met professionele materialen en subsidies. Zo kunnen scholen op grappige affiches en kleurrijke V-borden een eigen slogan neerpennen die daardoor sneller in het oog zal springen. Er is ook een handleiding met een zelftest. Door deze Mobi-scan uit te voeren kan de school nagaan hoe het gesteld is met de verkeersveiligheid en milieuvriendelijke mobiliteit in en rond de school. De handleiding bevat ook heel wat tips om de verkeerswerking verder op punt te stellen", zegt Julien Dekeyser, gedeputeerde voor mobiliteit en geestelijke vader van Dr. Mobi.
Op 1 september start ook het nieuw provinciaal subsidiereglement voor mobiliteitsprojecten in het basisonderwijs. Scholen kunnen een subsidie aanvragen voor de aankoop van verkeerseducatief materiaal, loopfietsen of leskoffers. De maximumsubsidie bedraagt 5.000 euro per vestiging. "Zo wordt investeren in een fietsenstalling of kleurrijk straatmeubilair een haalbare kaart", zegt gedeputeerde Julien Dekeyser.
De Demerroute is een fietsverbinding tussen de stedelijke gebieden van Diest en Aarschot en loopt verder door naar Werchter. Deze fietsroute bestaat uit een recreatieve en een functionele variant. De recreatieve route is reeds volledig bewegwijzerd met knooppunten. De functionele variant is nog niet volledig klaar.
"Daarom wil we nu samen met Aarschot en Scherpenheuvel-Zichem deze functionele fietsweg finaliseren langs de spoorweg tussen Testelt en Aarschot. Deze spoorwegfietsroute kan de perfecte snelle fietsweg worden voor pendelaars naar het station van Aarschot en voor middelbare scholieren naar één van de vele scholen in Aarschot. We gaan alle partners samenbrengen en de startnota schrijven waarin de randvoorwaarden uitgeklaard worden en de breedte en ligging van de nieuwe fietsweg bepaald wordt. Daarna kunnen we een ontwerper aan het werk zetten", zegt Julien Dekeyser, gedeputeerde voor mobiliteit.
Het gehele project van de Demerroute bestaat uit zes onderdelen : de nonstophoofdroute tussen Diest en Zichem langs het spoor, de functionele route tussen Zichem en Testelt, de recreatieve route tussen Zichem en Testelt en Aarschot, de nonstophoofdroute tussen Testelt en Aarschot langs het spoor, de nonstophoofdroute tussen Aarschot en Werchter en de recreatieve route van Werchter naar Mechelen langs de Dijledijken.
De Demerroute maakt deel uit van het bovenlokaal functioneel en recreatief fietsroutenetwerk. De provincie Vlaams-Brabant heeft een bovenlokaal functioneel fietsroutenetwerk met een lengte van 2.278 km en een recreatief netwerk van 1.783 km. Gemeenten kunnen provinciale subsidies krijgen voor de aanleg van fietspaden die op dit netwerk gelegen zijn. Voor de realisatie van de Demerroute kunnen Aarschot en Scherpenheuvel-Zichem rekenen op subsidies uit het fietsfonds, 40 % van de provincie en 40 % van het Vlaams Gewest.
De provincie Vlaams-Brabant gaf de voorbije jaren al subsidies voor de fietsweg tussen Diest en Zichem, voor een nieuwe fietsweg van de Maagdentoren naar de Markt in Zichem en voor de fietsweg naar de Demerdijk in Langdorp. Ook voor de geplande fietsbruggen in Werchter en ter hoogte van Ninde (Damiaanbrug) over de Dijle die aansluit op de Demer kunnen de gemeenten rekenen op 40 % subsidies van de provincie Vlaams-Brabant.
De deputatie van Vlaams-Brabant keurde twee ruimtelijke uitvoeringsplannen in Scherpenheuvel-Zichem goed. Dankzij deze uitvoeringsplannen kan het centrum van Averbode zich verder ontwikkelen en zijn aantrekkelijkheid vergroten. Ook wordt de zonevreemdheid van het bedrijf Claeskens opgeheven waardoor het kan uitbreiden zonder last voor de omwonenden.
Woonkern Averbode wordt aantrekkelijker
De deputatie keurde het ruimtelijk uitvoeringsplan 'centrumgebied Averbode' goed. Het plangebied ligt in de woonkern van Averbode en bestaat uit de bouwblokken langs de Westelsebaan, omsloten door de Zandstraat en de Prins De Merodelaan.
"Dit gebied biedt belangrijke ontwikkelingsmogelijkheden voor de toekomst van het centrum", zegt Julien Dekeyser, gedeputeerde voor ruimtelijke ordening. "Averbode zal meer uitstraling krijgen wanneer de nieuwe doortoch voor het verkeer langs de Westelsebaan zal gerealiseerd zijn. Ook zal de aantrekkingskracht van de kern als woonomgeving aanzienlijk verhoogd worden".
Bedrijf Claeskens mag uitbreiden
De deputatie keurde het ruimtelijk uitvoeringsplan 'zonevreemd bedrijf Claeskens' goed. Hierdoor is het bedrijf niet meer zonevreemd en kan het de toonzaal van de garage uitbreiden en de beschikbare ruimte beter schikken. Zo kan er efficiënter gewerkt worden met minder verkeershinder.
"Om de flexibiliteit en eventueel groei van het bedrijf mogelijk te maken, is een uitbreiding noodzakelijk", zegt gedeputeerde voor ruimtelijke ordening Julien Dekeyser. "Ongeveer 50% van de bedrijfsruimte zal gebruikt worden voor bebouwing. Er is een buffer voorzien zodat de omwonenden gegarandeerd geen last zullen hebben van de uitbreiding".
De deputatie van Vlaams-Brabant keurde het ruimtelijk uitvoeringsplan voor de nieuwe jeugdinfrastructuur in Houwaart goed. Hierdoor kan de gemeente Tielt-Winge werk maken van meer terreinen voor sport en recreatie in het centrum van Houwaart.
"Het goedgekeurde plan biedt een oplossing voor de huidige zonevreemde speelterreinen en biedt de mogelijkheid voor de bouw van een polyvalente ruimte", zegt Julien Dekeyser, gedeputeerde voor ruimtelijke ordening.
Er wordt ook een centrale parking voorzien, die gebruikt zal kunnen worden door zowel de school, de gebruikers van de recreatieruimte en de gebruikers van het kerkhof. Er komt, via de Molenstraat, een weg voor traag verkeer naar de speelterreinen. Enkel het eerste stuk van deze straat zal verhard worden voor het verkeer van en naar het kerkhof.
Scholen kampen met een gebrek aan mensen die kinderen helpen oversteken op gevaarlijke plekken in hun buurt. Daarom start de provincie Vlaams-Brabant een nieuwe wervingscampagne voor deze gemachtigde opzichters.
"Verkeersonveiligheid in de schoolomgeving en op de schoolroutes weerhoudt heel wat ouders om hun kinderen naar school te sturen met de fiets, te voet of zelfs met het openbaar vervoer. De kinderen met de wagen naar school brengen, lijkt veiliger. Door gemachtigde opzichters in te zetten op gevaarlijke oversteekplaatsen, krijgen de ouders de mogelijkheid om hun kinderen alsnog zelfstandig naar school te laten gaan", zegt Julien Dekeyser, gedeputeerde voor mobiliteit.
Gemachtigde opzichters zijn mensen die minstens 18 jaar zijn en zich vrijwillig willen inzetten voor een verkeersveiligere omgeving. Na een theoretische en praktische opleiding die de provincie gratis aanbiedt, krijgen de kandidaten van de burgemeester de toestemming en de verantwoordelijkheid om kinderen, scholieren, bejaarden of gehandicapten in groep te laten oversteken.
De provincie Vlaams-Brabant organiseert sinds 2003 jaarlijks grootschalige opleidingen voor Vlaams-Brabantse kandidaat-gemachtigde opzichters. "De eerste opleiding vond plaats in 2003-2004. 374 Vlaams Brabanders uit 28 verschillende gemeenten waren toen kandidaat om de opleiding te volgen. Onder hen ouders en grootouders van schoolgaande kinderen, gepensioneerden en leerkrachten", aldus Julien Dekeyser. "Na negen opleidingen staat de teller op 2.460 kandidaten die na een opleiding van onze provincie en politiezones gemachtigd werden. Dat is meteen ook de reden waarom wij geen seconde hebben geaarzeld om de traditie om jaarlijks een wervingscampagne te organiseren, voort te zetten".
De provincie neemt de kosten voor het theoretisch gedeelte van de opleiding voor haar rekening. Die theoretische sessies vinden verspreid over het grondgebied van Vlaams-Brabant plaats. Het praktische deel van de opleiding wordt georganiseerd in samenwerking met de lokale politie. Na de theoretische en praktische opleiding krijgt elke betrokkene van de burgemeester de toestemming en de verantwoordelijkheid om kinderen, scholieren, bejaarden en/of gehandicapten in groep te laten oversteken.
Inschrijven kan op tel. 016-26 75 49 en 016-26 75 18 of via verkeersveiligheid@vlaamsbrabant.be
Heel wat scholen gaven aan dat er nood is aan financiële ondersteuning voor mobiliteitsprojecten op school. Daarom zet de provincie Vlaams-Brabant zich volgend schooljaar extra in voor veilig en milieuvriendelijk verkeer in het basisonderwijs. Vanaf 1 september 2011 treedt daarom een nieuw subsidiereglement in werking voor mobiliteitsprojecten op school.
Subsidies op maat van het mobiliteitsproject
Eenvoudige mobiliteitsprojecten ontvangen een beperkte subsidie tot 1.500 euro. Hierdoor wordt het mogelijk om voor een verkeersweek, enkele STAPdagen of voor SAM de verkeersslang extra materialen aan te kopen. Van zodra het mobiliteitsproject veilig en milieuvriendelijk verkeer bevordert en een sensibiliseringsactie opzet tijdens het project en daaraan educatieve activiteiten koppelt, kan het rekenen op een subsidie.
"Maar scholen kunnen ook een maximum subsidiebedrag tot 5.000 euro ontvangen. Hiermee belonen we scholen die op een gestructureerde manier werk maken van veilige en milieuvriendelijke mobiliteit. De school zal zich daarvoor wel moeten inzetten op drie vlakken. De verkeers- en mobiliteitseducatie moet op punt gesteld worden. De school moet inspanningen leveren om het draagvlak voor het project te vergroten. En de school moet afspraken maken om van veilige en milieuvriendelijke mobiliteit een gewoonte te maken", zegt Julien.
Dr. Mobi stelt een diagnose
Vanaf 1 september 2011 kunnen scholen ook rekenen op mobiliteitsadvies van Dr. Mobi. Bij de start van het schooljaar lanceert hij een handleiding met heel wat tips om een vliegende start te nemen met het mobiliteitsproject.
"De school kan met het materiaal aan de slag voor een diagnose van de eigen werking en om nieuwe acties op te starten. Deelnemende scholen ontvangen een set posters en V-borden zodat je ook de kinderen en ouders makkelijker kan betrekken bij je project", aldus gedeputeerde Julien Dekeyser.
Meer info : www.vlaamsbrabant.be/mobiliteit
Gedeputeerde voor mobiliteit Julien Dekeyser, zelf opa van 3 flinke kleuters, wil volgend schooljaar extra aandacht besteden aan het kleuteronderwijs.
De meeste kleuters leren fietsen in de vrije tijd. De ouders zijn hier dus in eerste instantie verantwoordelijk voor. Maar ook scholen kunnen een belangrijke rol spelen. "Kinderen die thuis niet leren fietsen moeten die kans ook krijgen. Dat is even vanzelfsprekend als de inzet van de leerkrachten om de verkeersregels aan te leren", zegt Julien.
Op 1 september 2011 ontvangt elke kleuterschool in Vlaams-Brabant daarom een nieuwe brochure met 20 fietsspelletjes voor kleuters. Met de spelletjes van 'Lowie het fietskonijn' wordt fietsles kinderspel !"
Het ruimtelijk structuurplan van de gemeente Wemmel werd zopas goedgekeurd door de deputatie van Vlaams-Brabant
"Met de goedkeuring van het structuurplan kan de gemeente werk maken van een ruimtelijk beleid", zegt Julien Dekeyser, gedeputeerde voor ruimtelijke ordening.
Prioriteit voor de gemeente is een studie over de inrichting van het centrum van Wemmel. Voor de Maalbeek, die verschillende waardevolle groengebieden met elkaar verbindt, zal Wemmel ook het plan 'Maalbeekketting' opstellen.
"Wemmel heeft immers een compacte, maar aantrekkelijke kern met nog veel mogelijkheden voor nieuwe ontwikkelingen", zegt Julien Dekeyser. "Daarnaast zal de gemeente een uitvoeringsplan opstellen voor de zonevreemde sport-, recreatie en jeugdterreinen".
De deputatie keurde zopas het ruimtelijk uitvoeringsplan 'Stationsplein' van Overijse goed. Met dit plan wil het gemeentebestuur van Overijse meer ruimte creëeren voor wonen in de dorpskern.
"De bedoeling is de bestaande zone voor landelijk woongebied, gelegen aan de voormalige houthandel, om te vormen tot een gebied met zo'n 50 woningen", zegt gedeputeerde voor ruimtelijke ordening Julien Dekeyser.
Ook kan men zo het probleem van de school 't Kasteel oplossen. Want deze school ligt momenteel niet in de juiste zone.
"Na de verdwijning van de stelplaats De Lijn zal het Stationsplein volledig heringericht worden. De Ijse, die door het dorsplein loopt, zal terug opengelegd worden en zal samen met de geplande groenaanleg het straatbeeld verfraaien", besluit Julien Dekeyser.
De deputatie van Vlaams-Brabant heeft het ruimtelijk uitvoeringsplan 'Centrale sportinfrastructuur' van Tervuren goedgekeurd.
Het ruimtelijk uitvoeringsplan 'Centrale sportinfrastructuur' werd door de gemeente Tervuren opgemaakt omdat er een aantal sportvelden, zoals Berg van Termunt, de Vinkenlaan en het voetbalveld aan de Lijsterlaan, zonevreemd zijn. Deze liggen momenteel midden in het woonweefsel en zijn bovendien slecht bereikbaar.
"Aangezien elke kern dient te beschikken over zijn eigen sport- en recreatievoorzieningen, heeft de gemeente Tervuren ervoor gekozen de sportvoorzieningen te centraliseren op één locatie", zegt Julien Dekeyser, gedeputeerde voor ruimtelijke ordening.
Het nieuwe recreatiegebied, met ook nog een speelpleintje en voldoende parkeergelegenheid, zal langs de Waalsebaan en de Sterrebeeklaan aangelegd worden. "Om eventuele geluidshinder te beperken, komt er een groenbuffer langs de bebouwing van Vierwindenbinnehof, Rozenlaan, Tulpenlaan en F. Vanfraechemlaan", besluit de gedeputeerde.
De provincieraad van Vlaams-Brabant keurde de aanpassing van het bovenlokaal functioneel fietsroutenetwerk goed. De fietspaden van dit netwerk kunnen nu nog beter aangepast worden aan de noden en behoeften van de fietsers.
Vlaams-Brabant heeft een bovenlokaal functioneel fietsroutenetwerk met een lengte van 2.278 km. Gemeentebesturen kunnen provinciale subsidies krijgen voor de aanleg van fietspaden die op dit netwerk gelegen zijn.
"Dit fietsroutenetwerk is echter voortdurend in evolutie. Wanneer men start met aanleg van fietsinfrastructuur op de geselecteerde fietsroutes komt men soms tot de vaststelling dat een bepaalde route niet meer wenselijk is en dat beter een andere route wordt opgenomen in het netwerk. Sinds 2009 werden vanuit de gemeenten een 25-tal voorstellen voor wijzigingen ingediend. Deze voorstellen werden binnen een provinciale werkgroep onderzocht op haalbaarheid en wenselijkheid en door de provincieraad goedgekeurd", zegt Julien Dekeyser, gedeputeerde voor mobiliteit.
Voor de aanleg van fietspaden op deze routes kunnen de gemeenten rekenen op 80% subsidies uit het fietsfonds : 40% van de provincie Vlaams-Brabant en 40% van het Vlaamse gewest. "De meeste gemeenten maken hier aardig gebruik van", stelt Julien Dekeyser.
Een aantal nieuwe routes in het netwerk, waar nieuwe fietsinfrastructuur gepland is :
1. op de N272 in Galmaarden en Gooik zullen veilige fietspaden worden aangelegd
2. de gemeente Affligem plant in de Nieuwe Kassei de aanleg van fietspaden, zodat er een veilige fietsroute kan ontstaan tussen de Aalsterse Dreef en de N9.
3. de gemeente Asse wenst een fietsweg aan te leggen parallel met de huidige spoorlijn. De OMA-B spoorroute (zo genoemd omwille van de verbinding tussen Opwijk, Merchtem, Asse en Brussel) creëert de mogelijkheid om op relatief korte termijn een snelle, veilige en grotendeels heel aantrekkelijke fietsroute te creëren tussen Asse en Brussel. De route zorgt ook voor een betere afstemming van het provinciaal en Brussels fietsnetwerk. Zo onstaat er ook ten westen van de provincie een belangrijke autoluwe spoorroute naar Brussel
4. de gemeente Overijse plant in de Bollestraat, tussen Terlanen en Overijse, nieuwe fietspaden
5. op het grondgebid van Machelen en Zaventem komen meerdere nieuwe fietsroutes. Een fietsroute langs de Sint-Stevens-Woluweweg betekent een optimalisatie van de ontsluiting van de internationale kantoor- en dienstenzone van Diegem-Zuid. Ze takt ook aan op de Haachtsesteenweg. De route langs de Harenweg wordt doorgetrokken tot de Hermeslaan. Op die manier ontstaat een verbinding tussen de omgeving rond Haren (twee treinstations) en de omgeving rond de NATO en de bedrijvenzones van Diegem
6. de Haachtstraat in Herent vormt de verbinding tussen het centrum van Veltem en Buken. De gemeente Herent wenst hier fietspaden aan te leggen. Recent zijn ook verkeerslichten geplaatst aan het kruispunt van de Bukenstraat (verlengde van de Haachtstraat) met de N26, zodat de oversteek van de N26 voor fietsers hier ook veiliger geworden is
7. een nieuwe fiets- en wandelbrug over de Dijle in Werchter (gemeente Rotselaar), zodat er een veilige fietsverbinding ontstaat tussen Werchter, het gehucht Hanewijk en buurgemeente Haacht. Deze nieuwe brug wordt zeker interessant als de nieuwe fietspaden langs de N21 tussen Werchter en Haacht ook binnenkort worden aangelegd
8. de gemeente Boortmeerbeek is al bezig met de plannen voor nieuwe fietspaden in de Bieststraat. Ook deze route past in het netwerk
9. de gemeente Haacht wenst gecombineerd met toekomstige rioleringswerken ook kwaliteitsvolle fietspaden aan te leggen in de Wijgmaalsesteenweg tussen Wakkerzeel en de N21. Ook het andere deel van de Wijgmaalsesteenweg tussen Wakkerzeel en Wijgmaal wordt vernieuwd. Dit zat al in het bovenlokaal netwerk
10. de gemeente Pepingen wenst de route in de Groenstraat te verplaatsen naar de Molenstraat, waar op termijn nieuwe fietspaden zouden worden aangelegd
11. de gemeente Zemst wenst nieuwe fietspaden aan te leggen langs de Zemstsesteenweg
12. de gemeente Liedekerke zal een nieuwe doorsteek naar de fietsweg naar de Dender aanleggen, passend binnen de werken van de stationsomgeving
13. de stad Leuven wenst, in samenspraak met buurgemeente Oud-Heverlee en de K.U. Leuven een fietspad te voorzien parallel aan de spoorlijn tussen de Hazefonteinstraat en de W. Decroylaan
14. de stad Leuven wenst ook een fietsroute te realiseren waarbij de fietsers onder de N3 Tiensesteenweg door kunnen fietsen, naast de sporen, zodat het kruispunt Tiensesteenweg-Martelarenlaan kan vermeden worden. In het project is het idee verder ontwikkeld om deze verbinding dan langs de bermzone van de spoorweg te verlengen. Het vervolgtraject parallel met de spoorlijn naar Tienen en naar de bedrijvenzone van Haasrode moet nog verder onderzocht worden
15. een derde project dat de stad Leuven wenst aan te pakken is de fietsroute op de Lüdenscheidsingelviaduct. De stad stelt voor om de gemarkeerde aanliggende fietsstroken op de viaduct te vervangen door een nieuwe route onder het viaduct. De nieuwe route past in het masterplan van de Vaartkom, maar moet wel nog verder uitgewerkt worden. Kwalitatieve aansluitingen, hellingsgraden en sociale veiligheid zijn hierbij van groot belang.
"In onze provincie hebben we heel wat last van files, parkeerproblemen, uitlaatgassen en fijn stof. We moeten dringend meer mensen uit de auto en op de fiets zien te krijgen. De elektrische fiets is hierbij een uitstekend alternatief. De elektrische fiets was tot heden populier onder de 50-plussers. Ondertussen is daar verandering in gekomen. Er zijn nu diverse modellen verkrijgbaar die ook voor de andere gebruikers de moeite waard zijn, bijvoorbeeld voor woon-werkverkeer. Het voordeel voor het woon-werkverkeer is dat men nu met minder inspanning, niet bezweet op het werk aankomt. Elektrisch fietsen is een comfortabele beleving, terwijl men toch gewoon fietst", zegt Julien Dekeyser, gedeputeerde voor mobiliteit.
De provincie Vlaams-Brabant organiseert in de maand mei een themamaand duurzame mobiliteit. Eén van de acties stelt de elektrische fiets in de kijker. Personeelsleden kregen de mogelijkheid om gedurende de werkweek en het erop volgende weekend gratis een elektrische fiets te testen om zo de mogelijkheden te ontdekken in het woon-werk- en recreatief verkeer. De actie is halfweg en er kunnen alvast een aantal conclusies getrokken worden.
"Zo wordt de trapondersteuning gewaardeerd door de gebruikers, zowel op de langere afstand als in moeilijkere omstandigheden zoals bij een heuvelachtig parcours of tegenwind. De betrouwbaarheid van de batterijtechnologie is belangrijk voor de gebruikers. De kwaliteit van het aanbod is op dit punt zeer ongelijk. Wie een aankoop overweegt mag zeker niet over één nacht ijs gaan. Organisaties of bedrijven die aan een toepassing denken gaan best voor all-in formules met onderhoud en technische ondersteuning", zegt Julien Dekeyser.
Op 10 mei is er in Halle een debat voor het grote publiek over wonen, werken en transport in de stad. De provincie Vlaams-Brabant start met de afbakening van het kleinstedelijk gebied Halle. De bedoeling is de grenzen vast te leggen waarbinnen de stad Halle kan groeien. En waarbuiten de open ruimte kan behouden blijven.
"We zijn gestart met het afbakeningsproces voor het kleinstedelijk gebied Halle", zegt Julien Dekeyser, gedeputeerde voor ruimtelijke ordening. "Het structuurplan Vlaanderen wil de open ruimte vrijwaren en zet in op de steden. De provincie is bevoegd voor de afbakening van de kleinstedelijke gebieden, zoals Halle. We gaan na welk stedelijk gebied beleid Halle nodig heeft voor de komende 15 jaar, waar de mogelijkheden zijn voor bijkomend wonen, werken en voorzieningen, wat de knelpunten zijn voor mobiliteit en open ruimte".
Na een jaar van onderzoek en overleg is er nu een tussentijdse visie opgesteld. Op dinsdag 10 mei wordt deze visie voorgesteld op een informatievergadering in de raadszaal van het stadhuis van Halle. Dan volgt er een openbaar onderzoek van een maand. Daarnaast start er een procedure van dertig dagen voor onderzoek naar de milieu-effecten op.
De provincie organiseerde op 9 mei jl. een inspiratie- en ontmoetingsdag over kwaliteitsvol fietspadenbeheer. De provincie investeert immers fors in nieuwe fietspaden. Maar voldoende aanbod aan fietspaden alleen is niet voldoende om de Vlaams-Brabanders op de fiets te krijgen. Ook goede, kwaliteitsvolle fietspaden zijn hiervoor noodzakelijk.
"Steeds meer gemeentebesturen zien het belang in van kwaliteitsvolle fietspaden en maken werk van een doordacht fietspadenbeleid. Wij willen hen daarbij zo veel mogelijk ondersteunen. Naast financiële ondersteuning voor fietspaden of de provinciale fietsroutenetwerken, maken we ook werk van inhoudelijke en technische ondersteuning. Daarom organiseerden we een studiedag waarin kennis, ervaring en beleidsideeën werden uitgewisseld over kwaliteitsvol fietpadenbeheer", zegt Julien Dekeyser, gedeputeerde voor mobiliteit en verkeer.
Om de staat van de fietspaden objectief te meten, doet de provincie een beroep op het meetfietsproject van de Fietsersbond. De meetfiets laat toe om fietspaden een objectieve comfortscore te geven. Op basis daarvan kunnen gemeenten aan kwaliteitsvol fietspadenbeheer doen. De gemeenten Leuven, Lubbeek en Zemst doen momenteel mee aan dit proefproect.
"Het is de bedoeling dat de provincie Vlaams-Brabant tussen nu en hooguit tien jaarvan de laatste naar de tweede plaats opklimt wat betreft het aantal en de kwaliteit van de fietspaden", aldus nog Julien Dekeyser.
De deputatie heeft op 3 mei jl. het voorontwerp van actualisatie van het ruimtelijk structuurplan Vlaams-Brabant goedgekeurd. De grote lijnen en uitgangspunten van het originele provinciale beleidsdocument, zoals goedgekeurd in 2004 door de Vlaamse minister bevoegd voor ruimtelijke ordening, blijven behouden.
"Betaalbaar wonen en werkgelegenheid zijn mijn stokpaardjes. Hier moeten we volop op inzetten. De voorliggende aanpassingen van ons structuurplan proberen dan ook - naast een aantal meer administratieve en juridisch noodzakelijke correcties - de ontwikkeling van woonuitbreidingsgebieden en bedrijvenzones te versoepelen", aldus gedeputeerde Dekeyser.
Tot nu toe werd voornamelijk gefocust op de grootste kern van een gemeente, het zogenaamde hoofddorp. Met het aangepaste structuurplan worden tevens mogelijkheden gecreëerd om ontwikkelingen wat meer te spreiden over het grondgebied van de gemeente. Zo zullen bijvoorbeeld woonuitbreidingsgebieden en bedrijvenzones nu ook in de kleinere kernen, waar doorgaans wat meer ruimte beschikbaar is, kunnen ontwikkeld worden.
"Tevens wil ik nog eens beklemtonen dat we als provincie hiermee een duidelijk punt willen zetten achter de discussie over de komst van een afvalverbrandingsoven ter hoogte van Kampenhout-Sas. Deze zal er dus niet komen !", aldus Julien Dekeyser.
De deputatie heeft het ruimtelijk structuurplan van de gemeente Pepingen goedgekeurd. "Met het opstellen van haar structuurplan heeft de gemeente Pepingen een duidelijke ruimtelijke toekomstvisie ontwikkeld', zegt Julien Dekeyser, gedeputeerde voor ruimtelijke ordening.
De gemeente zal haar typische landelijke karakter vrijwaren door de landbouw zo veel mogelijk in stand te houden. De uitgestrekte open ruimtegebieden, het grote aantal landelijke wegen en de verschillende historische gebouwen maken van de gemeente Pepingen een interessante trekpleister voor wandelaars en fietsers. "Zowel het functionele als het recreatieve fietsroutenetwerk zal verder uitgebouwd worden", stelt Julien Dekeyser.
De gemeente wil een sporthal bouwen die aansluit bij de dorpskern van Pepingen. Bij gebrek aan een sporthal maken de verenigingen momenteel immers gebruik van de parochiezalen en ontmoetingscentra.
"Op vlak van bedrijvigheid gaat de gemeente op zoek naar een geschikte locatie voor een lokaal bedrijventerrein. Momenteel beschikt de gemeente Pepingen slechts over twee kleine KMO-zones en zijn er enkele plaatselijke bedrijven op zoek naar een alternatieve locatie om zich binnen de gemeente te kunnen vestigen", besluit Julien.
De deputatie van Vlaams-Brabant heeft het ruimtelijk uitvoeringsplan 'Brabantse Beek' in Opwijk goedgekeurd. De Brabantse beek, de Kluisbeek en de bovenloop van de Asbeek zijn ecologisch waardevolle beekvalleien. De Brabantse beek is ook de natuurlijke verbinding tussen verschillende bosgebieden.
Rondom de Brabantse beek worden de vochtige zandleemgronden vooral gebruikt als weiland. Maar deze gronden zijn ook geschikt voor de teelt van gewassen. De grachtenstelsels in de vallei zorgen voor een zeer goede afwatering en infiltratie van de landbouwgronden.
"De gemeente Opwijk heeft, in overleg met de gemeenten Merchtem en Buggenhout, de provincie Oost-Vlaanderen en ons, een uitvoeringsplan voor het gebied van de Brabantse beek opgesteld", zegt Julien Dekeyser, gedeputeerde voor ruimtelijke ordening. "Dit plan zal de ruime omgeving van de beek beter structureren en voor een evenwicht tussen natuur en landbouw zorgen. Om de open ruimten te bewaren, gaan we immers de landbouwactiviteiten concentreren in afgebakende zones".
De gemeente Opwijk heeft een uitvoeringsplan voor de aanwezige open ruimte op haar grondgebied opgesteld.
De 'landschappelijke overgang' is een gebied dat gelegen is tussen de N211, de N47 en de verbindingsweg tussen Opwijk en Baardegem. Het bestaat uit een sterk reliëf, oude steenwegen, bosfragmenten, beken en brongebieden.
De landschapsstudie, die uitgevoerd werd ter voorbereiding van het ruimtelijk uitvoeringsplan, heeft in de eerste plaats het gebied afgebakend en een gewenst beeld voor het landschap geschetst.
"Het is de bedoelng deze landschappelijke overgang uit te bouwen tot een gemeentelijk landschapspark met een eigen karakter", zegt Julien Dekeyser, gedeputeerde voor ruimtelijke ordening. "Hierbij zijn de toegankelijkheid van het gebied en de waardevolle recreatieve paden die het gebied doorkruisen heel belangrijk. Het goedgekeurd uitvoeringsplan zal de landschappelijke kwaliteit van het gebied aanzienlijk verhogen".
De provincieraad van Vlaams-Brabant heeft kritiek op het gewestelijk ruimtelijk uitvoeringsplan 'afbakening van het Vlaams Strategisch Gebied rond Brussel'. De raad oordeelt dat het plan te weinig ambitieus is, dat sommige voorstellen niet haalbaar zijn en onvoldoende afgestemd met fundamentele Vlaams-Brabantse voorstellen.
Van 14 februari tot 14 april 2011 loopt het openbaar onderzoek over het gewestelijk ruimtelijk uitvoeringsplan 'afbakening van het Vlaams Strategisch Gebied rond Brussel'. Dit plan vloeit voort uit het eindrapport dat de globale visie op de ontwikkeling van de regio's Zaventem, Zellik-Groot-Bijgaarden en Sint-Pieters-Leeuw-Beersel vastlegt.
Ook de provincieraad van Vlaams-Brabant bracht haar advies uit op het plan.
"De raad uit haar bezorgdheid over het lage ambitieniveau van het ontwerp van gewestelijk ruimtelijk uitvoeringsplan. De resultaten die worden voorgelegd beantwoorden niet aan de taakstellingen voor wonen en werken van het Ruimtelijk Structuurplan Vlaanderen. Een belangrijk aandachtspunt betreft het zeer lage aandeel oppervlakte voor bijkomende bedrijvigheid. We stellen vast dat nog verder beknibbeld wordt op het aantal hectaren bijkomende bedrijvigheid", zegt Julien Dekeyser, gedeputeerde voor ruimtelijke ordening.
De provincieraad maakt ook ernstig voorbehoud bij de haalbaarheid van de geplande onwikkelingen. De Vlaamse overheid zet vooral sterk in op herstructurering van bestaande bedrijvenzones en biedt slechts in beperkte mate nieuwe ruimte voor bedrijvigheid. "We ondersteunen de reconversie-opgave maar wijzen wel op het feit dat in zo'n grootschalige herstructurering de overheid met aanzienlijke financiële bijdragen de vaak onrendabele sanerings- en herstructureringsprojecten zal moeten gaan ondersteunen. Het gebrek aan een aanvullend instrumentarium doet toch wel vragen rijzen over de haalbaarheid ervan", zegt Julien Dekeyser.
Ten slotte is er een onvoldoende afstemming met een aantal fundamentele opties die vanuit de provincie naar voren geschoven zijn. "We ontwikkelen zo een visie voor het reconversiegebied Vilvoorde-Machelen. Maar de krachtlijnen van het provinciale masterplan voor dit gebied worden onvoldoende meegenomen in het gewestelijk plan", besluit gedeputeerde Dekeyser.
"De provincie Vlaams-Brabant wil samen met de gemeente Bekkevoort het recreatief fietsknooppuntennetwerk verder uitwerken. Daarom komt er een veilig en verhard fietspad in de Beekstraat tussen Molenbeek (Bekkevoort) en Kapellen (Glabbeek). Ook voor het lokale functionele fietsverkeer kan een verharde Beekstraat interessant zijn. Want in de schoolroutekaart van Bekkevoort is de Beekstraat aangeduid als een aanbevolen schoolroute", zegt Julien Dekeyser, gedeputeerde voor mobiliteit.
De Beekstraat is nu een slecht befietsbare onverharde veldweg met diepe spoorvorming en veel plassen. Er wordt een betonnen wegje van 2,5 m breed aangelegd. Alle afsluitingen aan de weilanden worden vernieuwd. Om doorgaand autoverkeer te vermijden zal een tractorsluis moeten geplaatst worden. De uitvoering van de werken is gepland voor het najaar.
"We geven een subsidie van ongeveer 45.000 euro. Dit is 40 % van de kostprijs van de fietsinfrastructuur", besluit Julien Dekeyser.
Julien Dekeyser, gedeputeerde voor ruimtelijke ordening en bevoegd voor stedenbouw in het arrondissement Leuven, en Jean-Pol Olbrechts, bevoegd voor stedenbouw in Halle-Vilvoorde, klagen de werking van de Raad voor Vergunningenbewistingen aan. Ze verwijten deze door Vlaanderen opgerichte Raad tergende traagheid en het creeëren van onnodige onzekerheid bij kandidaat-bouwers. Bovendien vernietigt de Raad beslissingen die juridisch en inhoudelijk in orde zijn om puur formele redenen.
In 2009, bij de invoering van de Vlaamse Codex Ruimtelijke Ordening, riep de Vlaamse Overheid een Raad voor Vergunningenbetwistingen in het leven. De bedoeling van deze Raad is het behandelen van beroepen tegen bouwvergunningen die door de deputatie van de provincies werden geweigerd.
Trage Raad zorgt voor ellenlange wachttijd voor kandidaat-bouwers
"Voor Vlaams-Brabant werden tot op heden 170 verzoekschriften bij de Raad ingediend", zegt gedeputeerde Julien Dekeyser. "Gisteren, méér dan anderhalf jaar na zijn oprichting, deed de Raad een eerste uitspraak. Dit is tergend traag, zeker als men weet dat de bedoeling van de Vlaamse regering met de Raad net was om rechtszekerheid binnen een redelijke termijn te creeëren. Bovendien staat in de Vlaamse wetgeving dat het beroep bij de Raad drie maanden in beslag mag nemen".
"Het is bedroevend", vult gedeputeerde Jean-Pol Olbrechts aan, "dat de deputatie zich moet houden aan vervaltermijnen terwijl de Raad zich geenszins aan enige termijn moet houden. Hoe kan men dan een redelijke termijn garanderen ?"
Vlaamse regelgeving zorgt voor rechtsonzekerheid
De Vlaamse regelgeving over stedenbouw zorgt ervoor dat besluiten van de deputatie, die de toets van de wettigheid feilloos doorstonden, momenteel vernietigd kunnen worden. Want de Raad voor Vergunningenbetwistingen eist dat het verslag van de provinciaal stedenbouwkundig ambtenaar letterlijk moet overgenomen worden in de besluiten van de deputatie. "Dat wil zegggen dat zelfs als de deputatie een beslissing neemt waarop geen enkele kritiek kan gegeven worden, de niet-letterlijke verwijzing naar het verslag van de provinciaal stedenbouwkundig ambtenaar tot de vernietiging van het besluit dreigt te leiden. Over formalisme gesproken", zegt gedeputeerde Dekeyser.
"Bovendien bezondigt de Vlaamse Overheid zich aan verrommeling. Want men kan na de uitspraak van de Raad nog naar de Raad van State voor een cassatieberoep. Dat is na de gemeente, de provincie en de Raad een vierde instantie die zich kan uitspreken over een bouwvergunning. Als men bijvoorbeeld door een ruzie zijn buur met bouwplannen wil pesten, heeft men daarvoor nu heel wat mogelijkheden en kan men een zaak twee à drie jaar rekken. Dit kan toch niet de bedoeling van de overheid zijn?", zegt gedeputeerde Olbrechts.
De deputatie keurde onlangs het masterplan voor het kleinstedelijk gebied Diest goed. Eén van de deelprojecten uit het masterplan is 'Steenwegen Diest'. Dit provinciaal project focust op de ontwikkeling van de open ruimte tussen de Leuvensesteenweg en de Halensebaan.
"We willen met 'Steenwegen Diest' een globaal landschapsontwikkelingsplan uitwerken. De focus ligt hierbij op het aanwezige water, de groene omgeving, zachte recreatie en het garanderen van een optimale toegankelijkheid, waarbij bijzondere aandacht uitgaat naar ruimte voor bedrijvigheid", zegt Julien Dekeyser, gedeputeerde voor ruimtelijke ordening.
"De toekomstige ontwikkelingen voor wonen en werken langs de twee steenwegen mogen het achterliggende waardevolle landschap niet verder aantasten. Het landschapsontwikkelingsplan zal daarom de belangrijkste natuurelementen in kaart brengen om een goede overgang van harde naar zachte functies te realiseren. Natuur en bedrijvigheid kunnen op die manier optimaal worden verzoend", aldus nog Julien Dekeyser.
De onderzoeksfase van het project is afgerond. Momenteel wordt een nota met de visie op de toekomst van het gebied en concrete acties uitgewerkt.
De stad Landen zal twee nieuwe fietswegen aanleggen op de oude spoorwegbeddingen van de lijnen Landen-Huy en Landen-Gembloux vanaf het centrum tot aan de grenzen met Hannut en Lincent. In Wallonië is de voorbije jaren veel geïnvesteerd in deze fietsroutes, die nu nog stoppen aan de gewestgrens. "We vinden het dus een zeer goede zaak dat Landen werk wil maken van de doortrekking van deze hoofdroutes voor fietsers", zegt Julien Dekeyser, gedeputeerde voor mobiliteit.
Op Landens grondgebied bestaan beide routes uit onverharde, moeilijk befietsbare wegen. De routes zijn nu wel toegankelijk voor voetgangers, ruiters en mountainbikes. Nog dit jaar zal meer dan 6 km fietsweg worden aangelegd in asfalt, 3 m breed met daarnaast een smalle steenslagstrook. Aan de Raatshovenstraat komt een fietsbrug zodat de fietsers vlot kunnen doorrijden.
"We hopen dat in de toekomst de hoogwaardige fietsroute door de bedrijvenzone nog kan doorgetrokken worden tot aan het station van Landen. Beide fietsroutes zijn ook zeer nuttig voor woon-werk en woon-schoolverkeer per fiets", zegt Julien Dekeyser.
De provincie geeft een subsidie van 271.430,82 euro. Dit is 40 % van de kostprijs van de fietsinfrastructuur. Het Vlaams gewest doet er nog eens hetzelfde bedrag bovenop.
De deputatie heeft het ruimtelijk uitvoeringsplan 'residentieel woonwagenpark' van de stad Diest goedgekeurd. Daardoor zullen de woonwagens op termijn verhuizen van het Stationsplein naar de Fabriekstraat.
Vandaag zijn er in Diest woonwagens te vinden in de stationsbuurt. 'Het huidige woonwagenterrein past niet in het masterplan dat we voor de stationsomgeving hebben ontwikkeld', vertelt gedeputeerde voor ruimtelijke ordening Julien Dekeyser. 'Daarom werd er een nieuwe locatie gezocht en gevonden aan de Fabriekstraat, ten zuiden van de spoorweg. De deputatie heeft het ruimtelijk uitvoeringsplan goedgekeurd dat een wettelijke basis biedt voor het nieuwe woonwagenterrein'.
Eerst komt er riolering in de Fabriekstraat. De werken zullen gecombineerd worden met de heraanleg en verfraaiing van de straat. Samen met een optimale landschappelijke inpassing zal er ook voldoende aandacht gaan naar de woonkwaliteitsnormen.
Er komen 15 staanplaatsen voor woonwagens met een optimale oriëntatie, een zuinig ruimtegebruik en een afscherming van de spoorweg. 'De huidige woonwagens aan het Stationsplein zullen na realisatie verhuizen naar dit terrein', besluit gedeputeerde Julien Dekeyser.
Door de recente goedkeuring van het ruimtelijk uitvoeringsplan 'zonevreemde bedrijven' van de gemeente Kampenhout kunnen een aantal bedrijven uitbreiden.
Kampenhout telt vrij veel zonevreemde bedrijven. Dat bleek uit de voorstudie die de gemeente liet maken. Uit die inventaris zijn een aantal bedrijven geselecteerd die een ruimtelijk uitvoeringsplan nodig hebben om hun activiteiten te kunnen verderzetten of uitbreiden.
'De planologen hebben de bestaande situatie en de ontwikkelingswensen afgewogen tegenover de ligging van de bedrijven binnen het gewestplan', verduidelijkt gedeputeerde Julien Dekeyser. 'De deputatie heeft het ruimtelijk uitvoeringsplan voor deze bedrijven nu goedgekeurd. Daardoor zullen de bedrijven kunnen uitbreiden op hun bestaande locatie', voegt de gedeputeerde voor ruimtelijke ordening eraan toe.
Het ruimtelijk uitvoeringsplan maakt de uitbreiding op de bestaande locatie mogelijk met 10 deelplannen, die samen een 15-tal bedrijven omvatten : Imbrechts - Geert De Coninck - Poels - Gevelers - Den Ast (bedrijvencentrum en feestzaal) - Vervloesem - Alucobel - Vranckx - Delhaize - Rafelec - Haesaerts - Pira - Houtzagerij Peeters - Tuinmakers.
Het ruimtelijk uitvoeringsplan 'Varenberg' te Tervuren werd zopas goedgekeurd door de deputatie.
"Met de goedkeuring van het ruimtelijk uitvoeringsplan 'Varenberg' kan de gemeente Tervuren de begraafplaats van Vossem uitbreiden", zegt Julien Dekeyser, gedeputeerde voor ruimtelijke ordening. "Deze uitbreiding situeert zich in landschappelijk waardevol agrararisch gebied, waardoor zo'n RUP noodzakelijk was".
Op de begraafplaats van Vossem komen alle noodzakelijke faciliteiten en ruimte voor ceremoniële activiteiten, zoals een ceremoniegebouw met technische ruimten en parkeergelegenheid. Om het geheel beter te integreren in de omgeving, wordt er, gelijktijdig met de aanleg van de begraafplaats, een boomgaard aangelegd. De boomgaard dient als buffer voor de omwonenden en zorgt ok voor een natuurlijke overgang in het landschap. De bestaande begraafplaatsen in Duisburg, Tervuren en Moorsel blijven behouden in hun huidige vorm en capaciteit.
De provincie heeft vorig jaar een project opgestart waarin de problematiek van het permanent wonen in tweede verblijven grondig wordt onderzocht. De deputatie heeft eind februari de eerste fase van het project goedgekeurd.
Als eerste fase binnen dit onderzoek heeft de provincie, samen met de gemeenten en het studiebureau Grontmij de problematiek van het wonen in tweede verblijven in kaart gebracht. Voor elke geïnventariseerde cluster werd een fiche opgemaakt waarin de ruimtelijke, juridische en maatschappelijke situatie opgenomen werd. Daarnaast werden conclusies getrokken uit een evaluatie van het pilootproject waarvan de ruimtelijke uitvoeringsplannen in 2007 goedgekeurd werden.
"De totale inventaris bevat zo'n 2.000 verblijven waar we oplossingsmogelijkheden voor zullen onderzoeken. Globaal zijn er 2 oplossingen mogelijk ;
1. behoud van de bestemming en dus geen toelating van permanent wonen en domiciliëringen;
2. de wijziging van de juridische zonering naar zone voor recreatief of sociaal buitenwonen waar domiciliëring toegelaten is
Vanaf het najaar 2011 zal er meer duidelijkheid zijn welke oplossingsrichting voor welke zone door het studiebureau en onze administratie wordt voorgesteld", aldus gedeputeerde Dekeyser.
Op basis van de resultaten van dit onderzoek en de inventarisatiefiches wordt in de volgende fase per cluster, in nauw overleg met de gemeente, een toekomstvisie geformuleerd voor elk van de opgenomen terreinen met permanent bewoonde tweede verblijven. Dat zal concreet vorm krijgen in provinciale ruimtelijke uitvoeringsplannen (PRUP's).
De provincie Vlaams-Brabant zet samen met Aarschot, Diest en Tienen de ambitieuze visie op hun stedelijk beleid om in een concreet actieplan. De provincie stimuleert daarbij de vernieuwende omgang met de ruimte in de stad. Een masterplan zet het stedelijk gebiedbeleid om in een actieplan, met concrete strategische projecten voor de komende jaren, op maat van elke stad. Ze moeten Aarschot, Diest en Tienen helpen om hun aantrekkingskracht te verhogen en een sterkere centrumrol op te nemen.
"Vlaams-Brabant is een dichtbevolkt gebied en het platteland staat onder druk. Door kleinere steden als Aarschot, Diest en Tienen te helpen hun grondgebied optimaal te gebruiken, willen we dat resterende platteland zoveel mogelijk vrijwaren. De ruimtelijke afbakening van de kleinstedelijke gebieden is een provinciale taak", legt Julien Dekeyser, gedeputeerde voor ruimtelijke ordening, uit. "Vier jaar geleden sloot de provincie om die reden een samenwerkingsakkoord met Aarschot, Diest en Tienen. Doel van die samenwerking is hun kleinstedelijk gebied afbakenen en vervolgens optimaal benutten".
Plannen uitvoeren
Aarschot, Diest en Tienen worden versterkt in de vier kernactiviteiten wonen, werken, mobiliteit en ontspanning. Heel wat braakliggende terreinen, zoals oude fabrieksgronden of in ongebruik geraakte stationsterreinen, liggen te wachten op een (her)bestemming. Gronden in het centrum kunnen worden omgevormd tot woon- of groenzones, terwijl terreinen langs stations of invalswegen goed gelegen zijn om te dienen als bedrijventerrein. "We zijn hiervoor niet over één nacht ijs gegaan", zegt gedeputeerde Julien Dekeyser. "Om tot een gedragen toekomstvisie te komen, werden alle betrokken partijen geraadpleegd. Vervolgens stelden we, in overleg met de steden, een lijst op van mogelijke projecten. Die resulteerden in een masterplan met strategische projecten. Dat is een actieplan op maat. Vandaag gaan we die masterplannen goedkeuren zodat er zo snel mogelijk aan de uitvoering kan worden begonnen".
Stadsplannen voor Aarschot, Diest en Tienen
In Aarschot komt er een onderzoek naar de ontwikkeling van de Demerparking tot een onderdeel van de binnenstad in samenhang met de Grote Laakweg. Ook de heraanleg van het bedrijventerrein Nieuwland en Meetshoven en het herstructureren van de wijken aan de noordkant van de stad staan op het programma. Ook is het de bedoeling om de omgeving van kasteel Schoonhoven uit te bouwen als een van de recreatieve poorten tot de Demervallei. Daarvoor is wel eerst een opwaardering of herbestemming nodig van het gebied. Intussen zijn de plannen voor de stationsomgeving al volop in uitvoering. Daar is men bezig aan de bouw van een nieuwe voetgangers- en fietsersbrug over de spoorweg. Ook de stationsparking wordt heraangelegd, met veel aandacht voor groenzones.
In Tienen is het de bedoeling om de Gete beter tot haar recht te laten komen in de stad. Ook wordt de noodzaak van een noordelijke ring, en zijn landschappelijke inpassing, onderzocht. Een ander project gaat over de herinrichting van de Vesten als groene boulevard. We kijken verder dan de ruimte tussen de stoepranden en willen de typische bebouwing en groene ruimte betrekken. Maar ook de plannen rond de stationsomgeving zitten in Tienen in een stroomversnelling.
Ook in Diest hangen de projecten op aan een aantal kenmerkende structuren. Met een landschapsinrichtingsstudie voor de omgeving van de Kloosterberg, wil men de uitbreiding van de bedrijvenzones langs de steenwegen op een gepaste manier in het landschap integreren. De Demer krijgt weer een prominente rol in de binnenstad. Ook de Fortengordel rondom de stad, met de Citadel als een belangrijk onderdeel, krijgt een nieuwe toekomst. Net zoals in de stationsomgeving, waar de uitvoering bezig is, moeten de nieuwe projecten Diest helpen haar centrumrol op te nemen.
Uitnodiging tot actie
Het masterplan is een gezamenlijk engagement van de provincie Vlaams-Brabant en deze 3 steden. Maar de provincie en de stad zijn niet de enige eigenaars ervan. Heel wat andere partners, binnen de Vlaamse Overheid en tal van andere organisaties, hebben ondertussen al hun schouders onder deze projecten gezet.
De masterplannen werden voor de inwoners samengevat in een overzichtelijke brochure.
Meer info : www.vlaamsbrabant.be/kleinstedelijkegebieden
Het ruimtelijk uitvoeringsplan 'KWZI Overhespen' van Linter werd zopas goedgekeurd door de deputatie. Hierdoor kan er werk gemaakt worden van een waterzuiveringsinstallatie in Overhespen, gelegen in het zuiden van de gemeente Linter, tegen de grens met Landen.
De waterzuiveringsinstallatie zal het afvalwater van Wange, Overhespen en Neerhespen zuiveren. De installatie sluit volledig aan bij de loop van de Kleine Gete. In de Kleine Gete zal het gezuiverde water uiteindelijk terecht komen.
"Langs de waterloop wordt voldoende ruimte voorzien om het beheer en onderhoud van de waterloop mogelijk te maken", stelt Julien Dekeyser, gedeputeerde voor ruimtelijke ordening. "Rondom het technische gedeelte van de installatie zal een groenbuffer aangeplant worden met typische planten voor valleilandschappen. Dit voorkomt eventuele visuele hinder. De meeste constructies zullen eveneens ondergronds aangelegd worden om een beperkte impact op het landschap te garanderen".
De provincie Vlaams-Brabant zet prioritair in op fietsverbindingen tussen de Vlaamse Rand en Brussel. De Vlaamse Rand en de ring rond Brussel worden immers geteisterd door files tijdens de ochtend- en avondspits. Hoofd-, secundair en lokaal wegennet zijn dan volledig dichtgeslibd. Alternatieve vervoersmiddelen kunnen dan een oplossing bieden.
"De ring en het wegennet rond Brussel worden dagelijks gebruikt door duizenden automobilisten. Met volle wegen en files als gevolg. Van deze totale voertuigenstroom zijn ongeveer 135.000 pendelaars uit de randgemeenten van Brussel afkomstig", weet Julien Dekeyser, gedeputeerde voor mobiliteit. "We willen zoveel mogelijk pendelaars uit de auto halen en hen stimuleren om alternatieve verkeersmogelijkheden te gebruiken. We gaan dan ook maximaal inzetten op kwalitatieve en veilige fietsverbindingen van en naar de belangrijkste tewerkstellingspolen in de rand".
Drie zones werden bepaald : noordoost, noordwest en de zuidzijde van Brussel. Hierin worden een aantal strategische tewerkstellingspolen als fietsprioriteiten naar voor geschoven : de bedrijvigheid in en rond de luchthaven Zaventem, het universitair ziekenhuis te Jette, het Erasmusziekenhuis te Anderlecht en de VUB-site te Etterbeek.
"Als provincie zijn we niet bij machte om de volledige verkeersproblematiek rond het Brusselse te tackelen. Maar we willen onze verantwoordelijkheid opnemen en onze bevoegdheden maximaal gebruiken om onze steen bij te dragen. Wij hopen van Vlaanderen en Brussel dat zij ons voorbeeld volgen", aldus een gedreven Julien Dekeyser.
De deputatie van de provincie Vlaams-Brabant besliste om het ruimtelijk structuurplan Vlaams-Brabant te actualiseren.
De beperkte aanpassing van het ruimtelijk structuurplan Vlaams-Brabant was nodig na wijzigingen in het ruimtelijk structuurplan Vlaanderen, het nieuwe grond- en pandendecreet en een aantal voorstellen van de gemeenten. De grote lijnen en uitgangspunten van het originele provinciale beleidsdocument, zoals goedgekeurd in 2004 door de Vlaamse minister bevoegd voor ruimtelijke ordening, blijven behouden.
"Naast een aantal meer administratieve en juridisch noodzakelijke aanpassingen, willen we met de herziening van ons structuurplan ingaan op een aantal terechte bekommernissen van gemeenten. Anderzijds willen we een aantal zaken duidelijk stellen bij geplande provinciale ontwikkelingen. Zo willen een punt zetten achter de nog steeds voortdurende discussie over de komst van een afvalverwerkend bedrijf ter hoogte van Kampenhout-Sas", zegt Julien Dekeyser, gedeputeerde voor ruimtelijke ordening.
De discussie over de mogelijke komst van een afvalverbrandingsoven woedt al langer. Vlaanderen deed al een uitspraak naar aanleiding van de herziening van zijn ruimtelijk structuurplan waardoor geen afvalverwerkende bedrijven zich konden vestigen binnen de voorziene uitbreiding van de industriezone. Dit hield echter wel in dat er nog steeds een inplanting mogelijk was op de bestaande bestemde industriezone ten zuidoosten van het sas.
"Daarom zullen we het ruimtelijk structuurplan van onze provincie aanpassen om uitdrukkelijk dergelijke activiteit niet toe te laten, noch in de bestaande industriezone, noch in de geplande uitbreiding", besluit gedeputeerde Dekeyser.
Het ruimtelijk structuurplan van de gemeente Oud-Heverlee werd zopas goedgekeurd door de deputatie.
"De uitdaging voor Oud-Heverlee is het uitbouwen van een ruimtelijke structuur die het 'groene', 'residentiële' en 'recreatieve' karakter van de gemeente kan behouden en versterken", zegt Julien Dekeyser, gedeputeerde voor ruimtelijke ordening.
Belangrijke troeven van Oud-Heverlee zijn de aanwezige groensgebieden van de Dijlevallei, Heverleebos en Meerdaalwoud. De gemeente kan initiatieven nemen om deze gebieden te versterken en onderling met elkaar te verbinden.
"Daarnaast zal de gemeente nu werk kunnen maken van de uitbreiding van het woonaanbod door te starten met de strategische projecten Haasrode-Centrum en de Kouter. Ook de optimalisering van de bestaande woningvoorraad staat op de agenda. Zo zal renovatie van woningen gestimuleerd worden en zal leegstand tegengegaan worden", zegt gedeputeerde Julien Dekeyser.
"Oud-Heverlee kan eveneens inspanningen leveren om het bestaande sluipverkeer in te dijken om zo een groene en aangename woongemeente te blijven", besluit Julien Dekeyser.
Het ruimtelijk uitvoeringsplan 'Dorpsplein' van Sint-Genesius-Rode werd zopas goedgekeurd door de deputatie van de provincie Vlaams-Brabant.
Er waren de laatste tijd een aantal problemen met de gewenste heraanleg van het plein rond de kerk in Sint-Genesius-Rode. De inrichting, zoals die in het toenmalige bijzonder plan van aanleg (BPA) 'De Kom-Midden' werd voorzien, hypothekeerde nieuwe mogelijkheden voor de heraanleg.
"Met het nieuwe ruimtelijk uitvoeringsplan 'Dorpsplein' zorgen we dat de problemen opgelost kunnen worden. Er komt een plein ten zuiden van de kerk en een betere ordening van de parkeerplaatsen. Er zal meer ruimte komen voor voetgangers en fietsers. Het autoverkeer zal herleid worden naar smallere rijstroken. Het plein zal ook veel groener ogen door de ommuurde groenze zones ten noorden en ten zuiden van de kerk. Ook is er gedacht aan de rioleringsproblemen van de Dorpsstraat. Deze problemen worden veroorzaakt door de Kwadebeek die onder het plein in westelijke richting samenvloeit met de Molenbeek. De gemeente Sint-Genesius-Rode zal daarom een ondergronds wateropvangbekken aanleggen om toekomstige waterellende te vermijden", zegt Julien Dekeyser.
De stad Scherpenheuvel-Zichem legt een nieuwe fietsweg van 400 m aan tussen de Maagdentoren en de Markt van Zichem. Deze weg is volledig autovrij en ingebed in een groene omgeving. De fietser wordt rechtstreeks van de Maagdentoren langs de weiden naar de Markt gestuurd en dan via een kort stukje Ernest Claesstraat richting oude Demer.
"Het nieuwe traject is veiliger dan het oude, loopt langs de Markt met zijn horecazaken, en is bijgevolg toeristisch aantrekkelijker. Hiermee vervolledigen we de Demerroute, een bovenlokale recreatieve fietsroute die is opgenomen in het toeristisch knooppuntennetwerk. Ze loopt over het grondgebied van Diest, Scherpenheuvel-zichem, Aarschot en verder naar Rotselaar", zegt Julien Dekeyser, gedeputeerde voor mobiliteit.
Aan de Maagdentoren sluit het nieuwe fietspad aan op de brug over de Demer met meerdere fietsmogelijkheden langs aparte fietswegen naar Zichem-station, naar Diest of naar Scherpenheuvel. De nieuwe fietsweg wordt 2,50 m breed en wordt afgewerkt in ternair zand, een halfverharding. Op enkele bredere zones zijn ook zitbanken en fietsenstallingen voorzien zodat het een aangename fiets- en wandelroute wordt. De uitvoering is gepland voor het voorjaar.
"We delen in de kosten voor de aanleg van de fietsweg. We voorzien zo'n 35.000 euro, wat overeenkomt met 40 % van de totaalkost", aldus nog gedeputeerde Dekeyser.
De gemeente Linter gaat fietspaden aanleggen in de Stationsstraat over een afstand van 2,4 km. Er komt een vrijliggend dubbelrichtingsfietspad van 2,75 m breed dat aansluit op de oude spoorwegroute, de 'ijzeren weg' van Tienen naar Diest, in Drieslinter. Aan het begin van de bebouwde kom van Melkwezer zal het fietspad splitsen in twee enkelrichtingsfietspaden van 1,75 m. De uitvoering is gepland voor het najaar omdat er voor de aanleg nog grondinnames noodzakelijk zijn.
"Momenteel zijn er helemaal geen fietsvoorzieningen. Dit zal dus een enorme verbetering zijn, met hopelijk veel nieuwe fietsers als resultaat", zegt Julien Dekeyser, gedeputeerde voor mobiliteit. "De Stationsstraat is geselecteerd als bovenlokale functionele fietsroute en maakt deel uit van het bovenlokaal functioneel fietsroutenetwerk. De Stationsstraat vormt de verbinding tussen Melkwezer en Drieslinter. We geven hiervoor 40 % subsidies uit het fietsfonds, goed voor 366.000 euro. Ook het Vlaamse gewest doet er nog 40 % bovenop".
Het ruimtelijk uitvoeringsplan 'nederzettingsstructuur woonfragmenten fase 1' van de stad Leuven werd zopas goedgekeurd door de deputatie van de provincie Vlaams-Brabant.
"De bedoeling van dit ruimtelijk uitvoeringsplan is de woonfragmenten die in de open ruimte in de buurt van de stad liggen, niet verder te ontwikkelen", zegt Julien Dekeyser, gedeputeerde voor ruimtelijke ordening. Functies zoals handel en diensten, die voor verkeer zorgen, zullen in residentiële woonfragmenten geweerd worden. Openbaar vervoer en gemeenschapsvoorzieningen horen thuis in bebouwde concentraties.
Anderzjids wil het ruimtelijk uitvoeringsplan van de stad Leuven de verdere versnippering van de open ruimte tegengaan. Deze groene ruimten in de nabijheid van de stad zijn immers van groot belang voor de leefbaarheid. De inrichting van de groene ruimte zal dus in de toekomst strenger geregeld worden.
"Zo zullen er geen meergezinswoningen meer gebouwd kunnen worden in deze woonfragmenten en zal de hoogte van de gebouwen moeten passen in de omgeving. Voor nieuwe percelen zal een minimum breedte worden opgelegd om de lage dichtheid te kunnen garanderen", besluit Julien Dekeyser.
Vier Vlaams-Brabantse mobiliteitsprojecten ontvangen steun uit het Vlaamse Pendelfonds. Het gaat om projecten van Procter & Gamble uit Grimbergen, Fietsend Tienen en projecten van IGO-Leuven en SPIT uit Leuven voor de verduurzaming van het woon-werkverkeer. De provincie Vlaams-Brabant gaat deze bedrijven begeleiden bij de uitvoering.
Het Pendelfonds van de Vlaamse overheid subsidieert bedrijven die concrete maatregelen nemen om het woon-werkverkeer van hun werknemers te verduurzamen. De provincies zorgen voor de begeleiding van de bedrijven bij het opstellen van hun dossier.
In Vlaams-Brabant werden vier projecten goedgekeurd. Procter & Gamble uit Grimbergen liet een mobiliteitsanalyse maken. Op basis daarvan werd een plan opgesteld voor een volwaardige multimodale aanpak met maatregelen in functie van de fiets, het openbaar vervoer en carpooling. Ook het project van IGO-Leuven zet in op een mix van maatregelen ter bevordering van het fietsgebruik, openbaar en andere vormen van collectief vervoer, zij het op een bescheidener schaal. Verder werden twee samenwerkingsverbanden goedgekeurd. 'Fietsend Tienen' is een project van de Kringwinkel Hageland, twee vestigingen van de Broeders Alexianen, een plaatselijk KBC-kantoor en Van Mullem & Zonen. In Leuven werd het voorstel van SPIT, Wonen-en-Werken en OCMW-Leuven goedgekeurd.
Het subsidiebedrag bedraagt maximaal 50 % van de projectkosten.
"Nu de projecten door de Vlaamse minister zijn goedgekeurd, kunnen wij aan de slag", zegt Julien Dekeyser, gedeputeerde voor mobiliteit. "Onze begeleiding is vrij intensief. Mobiliteit behoort voor de meeste werkgevers nu eenmaal niet tot hun kernactiviteiten en zij worstelen wel eens met belangrijke aspecten van het aanvraagformulier. Het in kaart brengen van de bereikbaarheid van het bedrijf, de opmaak van het mobiliteitsprofiel, het bepalen van de meest kansrijke maatregelen en dat ook nog eens omzetten in een budget, dat heeft niet iedereen in de vingers. Onze medewerkers helpen daar graag bij".
2,7 miljoen euro voor veilige fietspaden in 2010
De provincie Vlaams-Brabant heeft het voorbije jaar verschillende gemeenten ondersteund bij de aanleg van nieuwe fietspaden. Voor fietsroutes gelegen op het bovenlokaal functioneel fietsroutenetwerk bedragen de provinciale subsidies 40 % van de kostprijs van de fietsinfrastructuur. Het Vlaamse gewest doet er nog eens 40 % subsidies bovenop. Op die manier krijgen gemeenten 80 % subsidies uit het Fietsfonds. In 2010 werd er voor een totaal bedrag van ruim 2,4 miljoen euro provinciale subsidies gegeven voor nieuwe fietspaden in de volgende gemeenten : Affligem (Aalsterse Dreef), Bekkevoort (Rijnrode), Boortmeerbeek (Heverbaan), Grimbergen (Strombeeklinde), Kampenhout (Kwerpseweg), Kapelle-op-den-Bos (Meiselaan), Kortenaken (Hoeleden-centrum), Landen (Jonker Janlaan), Landen (2 oude spoorwegroutes), Londerzeel (centrum Steenhuffel), Machelen en Zaventem (Harenweg), Opwijk (Stationsstraat en fietspad op stationsparking), Oud-Heverlee (Neerijsebaan), Ternat (verbreding spoorbrug Sluisvijverstraat), Zaventem (Kleine Everseweg en Oude Keulseweg) en Zoutleeuw (Budingenweg en Terweidenstraat deel 2).
Ook het recreatieve knooppuntennetwerk wordt nog veiliger en comfortabeler gemaakt voor de fietsers. De provincie heeft dit jaar in zes projecten gesubsidieerd voor een totaal van zo'n 288.000 euro : Aarschot (Demerroute te Langdorp), Kampenhout (Oude Brusselsebaan), Kampenhout (Bogaertweg), Scherpenheuvel-Zichem (Boonstraat in ecologisch asfalt), Wezembeek-Oppem en Zaventem (Perkstraat) en Zaventem (Konijneweg).
De subsidie bedroeg ook hier telkens 40 % van de kostprijs.
"We zullen in 2011 opnieuw een hele reeks fietspaden subsidiëren. De plannen en eventuele grondinnames voor nieuwe fietspaden zijn klaar in Asse, Bierbeek, Galmaarden, Kapelle-op-den-Bos, Linter, Londerzeel, Machelen, Opwijk, Scherpenheuvel-Zichem, Sint-Pieters-Leeuw en Ternat. Al deze gemeenten zullen hun subsidieaanvraag in 2011 indienen. We voorzien minstens 2,5 miljoen euro om de gemeenten aan veilige en comfortabele fietspaden te helpen", besluit Julien Dekeyser
De provincie Vlaams-Brabant gaat meewerken aan een nieuw inrichtingsplan voor het Blosodomein Hofstade te Zemst.
"We zetten onze schouders onder de nieuwe plannen voor het Blosodomein Hofstade", zegt Julien Dekeyser, gedeputeerde voor ruimtelijke ordening. "We gaan bestuderen hoe we natuur en recreatie kunnen samenbrengen, maw hoe we de natuurdoelstellingen en de gewenste recreatievormen op het domein kunnen verenigen".
Om dit te kunnen oplossen, is een inrichtingsplan nodig dat de bestaande en toekomstige doelstellingen vanuit de natuur- en recreatiesector tegen elkaar afweegt en ook rekening houdt met de algemene doelstellingen voor het domein. Het inrichtingsplan moet een haalbaar compromis worden die de concrete programma's op een kwalitatieve wijze kan inplanten op het terrein.
"Indien uit het inrichtingsplan blijkt dat er een ruimtelijk uitvoeringsplan nodig is die de huidige gewestplanbestemmingen wijzigt, zullen we hiervoor de nodige initiatieven nemen", besluit Julien Dekeyser.
De deputatie van de provincie Vlaams-Brabant heeft het ruimtelijk uitvoeringsplan Stadscentrum-Statiewijk van Aarschot goedgekeurd.
"Met deze goedkeuring worden de voorschriften van het voormalige bijzonder plan van aanleg (BPA) 'Stadscentrum en Statiewijk' wat versoepeld. Zo zal men gemakkelijker de functies wonen en handel kunnen vermengen in het stadscentrum van Aarschot en zal het OCMW met de uitbreidingsplannen van start kunnen gaan", zegt Julien Dekeyser, gedeputeerde voor ruimtelijke ordening.
Ook kunnen er terrassen, een boomgaard en wandelpaden aan de Demer aangelegd worden om wat dynamiek te brengen rond de recent gerenoveerde site van 's Hertogenmolens. De begijnhofhuisjes zijn een belangrijke weergave van de erfgoedwaarden van Aarschot. Door het uitzicht van het plein aan de huisjes af te stemmen op het begijnhof zal het waardevolle karakter van het begijnhof beter behouden blijven.
"Door de aanleg van nieuwe fietsverbindingen en een promenade in de Albertlaan zal het voor fietsers en voetgangers aangenamer vertoeven zijn in het stadscentrum", besluit gedeputeerde Julien Dekeyser.
De deputatie van Vlaams-Brabant heeft het ruimtelijk uitvoeringsplan 'Bedrijvenzone De Vunt' van Holsbeek goedgekeurd.
"Met de goedkeuring van het ruimtelijk uitvoeringsplan 'Bedrijvenzone De Vunt' kan een deel van de ambachtelijke zone 'De Vunt' in Holsbeek-Plein heringericht en geoptimaliseerd worden", zegt gedeputeerde voor ruimtelijke ordening Julien Dekeyser. Deze bedrijvenzone ligt in het uiterste westen van de gemeente Holsbeek, ter hoogte van het op- en afrittencomplex van de E314 te Kessel-Lo.
Het ruimtelijk uitvoeringsplan omvat ook de woonzone langsheen de Pleinstraat.
"Dit plan zorgt voor een optimale invulling van de nog beschikbare ruimte op de site", zegt gedeputeerde Julien Dekeyser. "Zo komen we tegemoet aan de vraag naar bijkomende lokale bedrijvigheid in Holsbeek. De reeds aanwezige handel en recreatieve voorzieningen blijven behouden in de ambachtelijke zone".
Bewoners van weekendhuisjes in recreatiegebied kunnen een tijdelijk woonrecht aanvragen. De provincie Vlaams-Brabant werkt aan een oplossing op lange termijn via een grootschalig onderzoek en een aantal ruimtelijke uitvoeringsplannen.
In Vlaams-Brabant wonen enkele duizenden mensen in zogenaamde weekendhuisjes. Het gaat van eenvoudige chalets tot huizen met alles erop en eraan. Ze hebben één ding gemeen : ze zijn gebouwd in recreatiegebied en mogen daardoor niet permanent bewoond worden.
"Om de bewoners de tijd te geven om een definitieve oplossing te vinden, kunnen ze voor 31 maart 2011 een tijdelijk woonrecht aanvragen", zegt Julien Dekeyser, gedeputeerde voor ruimtelijke ordening. "Daarmee kunnen ze legaal in hun weekendverblijf blijven wonen tot minstens 2029. Hiervoor moet een zogenaamd declaratief attest van woonrecht aangevraagd worden bij de gemeente. Deze gaat na of de bewoner en het weekendverblijf voldoen aan de voorwaarden die door de Vlaamse Regering zijn opgelegd".
Momenteel bekijkt de provincie Vlaams-Brabant de ruimtelijke ordening van een aantal grotere wijken met weekendverblijven waarin permanent gewoond wordt. In een beperkt aantal gevallen zal er een ruimtelijk uitvoeringsplan worden gemaakt dat het recreatiegebied wettelijk omzet naar woongebied. In andere gevallen zal het woonrecht uitdoven. Het blijft dus onverstandig om een verblijf te kopen in recreatiegebied.
De provincie heeft ook een kort TV-programma gemaakt over deze problematiek. Het is te bekijken op 9 of 11 december of vanaf diezelfde dag online op www.vlaamsbrabant.be/tv. Meer info en aanvraagformulier : www.vlaamsbrabant.be/tijdelijkwoonrecht
De deputatie van Vlaams-Brabant verleent aan de gemeente Hoeilaart een principieel akkoord voor de aanvraag tot ontwikkeling van het woonuitbreidingsgebied aan de Waversesteenweg en de Nilleveldstraat. "Hierdoor kunnen er nu 64 bijkomende woongelegenheden gecreëerd worden. De klemtoon van het project ligt op het aanbieden van betaalbare kavels en woningen. Tevens worden acht sociale koopwoningen en acht sociale huurappartementen aangeboden", aldus Julien Dekeyser, gedeputeerde voor ruimtelijke ordening. "Belangrijk is dat er veel aandacht zal gaan naar de inpassing van de woningen in het landschap en de ontwikkeling van verschillende woonsoorten. Er wordt gekozen voor een breed openbaar domein met voldoende ruimte voor een volwaardige groenaaleg".
De deputatie van de provincie Vlaams-Brabant heeft het ruimtelijk uitvoeringsplan 'RWZI Oppem en buurtspeelplein' van Meise goedgekeurd.
"De rioolwaterzuiveringsinstallatie (RWZI) van Oppem gaat het afvalwater zuiveren van Oppem en het grootste deel van de kern van Brussegem. Op vraag van Aquafin hebben we hiervoor een ruimtelijk uitvoeringsplan opgesteld en nu ook goedgekeurd", zegt Julien Dekeyser, gedeputeerde voor ruimtelijke ordening.
In de woonwijk waar de waterzuiveringsinstallatie zal komen, wilden de bewoners een buurtspeelplein. Momenteel is er reeds een plein, maar dat bevindt zich vrij dicht tegen de woningen, is te klein en volledig verhard en biedt weinig recreatieve en sportieve mogelijkheden.
"Dankzij het goedgekeurde plan kan men nu ook het buurtspeelplein aanpakken, er speeltuigen op plaatsen en er een groene invulling aan geven. Zo verhoogt de leefkwaliteit in Oppem", besluit Julien Dekeyser.
Elke dag is het weer zover ! Ellenlange files op het Vlaams-Brabants wegennet. De werknemers van de provincie Vlaams-Brabant ondervinden hiervan slechts in beperkte mate hinder. Ze maken immers in hoge mate gebruik van de fiets en het openbaar vervoer om zich te verplaatsen naar hun werk. Dat is het belangrijkste besluit van de mobiliteitsmeting die de provincie Vlaams-Brabant hield bij haar eigen personeel.
"Met deze mobiliteitsmeting wilden we vooral een zicht krijgen op de elementen die de keuze van vervoermiddel van ons personeel bepalen. Welke zijn de knelpunten die een overstap naar duurzame alternatieven in de weg staan ? Of omgekeerd, welke acties kunnen een stimulans betekenen. Meten is weten en deze informatie laat ons toe om de juiste maatregelen te nemen voor een duurzaam woon-werkverkeer", zegt Julien Dekeyser, gedeputeerde voor mobiliteit en personeel.
Meer dan 50 % van de werknemers deed mee aan de mobiliteitsbevraging. De provincie scoort uitstekend wat het aandeel van de duurzame alternatieven voor de personenwagen betreft. Fiets en openbaar vervoer halen zeer hoge aandelen. Bus en trein zijn samen goed voor bijna 44 %, waar het Vlaamse gemiddelde voor woon-werkverkeer rond de 8,8 % schommelt. Ook de fiets doet het opvallend goed. Met een aandeel van net geen 27 % laten de ondervraagde werknemers het gemiddelde in Vlaanderen van 12,8 % ver achter zich.
"Deze resultaten mogen gezien worden", zegt gedeputeerde Julien Dekeyser. "Ze tonen ook aan dat de locatiekeuze van het provinciehuis op mobiliteitsvlak een schot in de roos was. Onze ligging sluit aan bij het Leuvens stedelijk weefsel en het provinciehuis ligt op wandelafstand van het station. Het station is een knooppunt in zowel het netwerk van de NMBS als van De Lijn, en dat vertaalt zich in een hoog aandeel voor het openbaar vervoer".
Met deze bevraging kan de provincie Vlaams-Brabant nu ook aantonen dat de keuze voor een locatie nabij een stationsomgeving effectief loont. "We willen de bedrijfswereld dan ook oproepen bij beslissingen over toekomstige huisvesting en localisatie van vestigingen zoveel mogelijk aandacht te besteden aan een kwalitatieve en multimodale bereikbaarheid", besluit Julien Dekeyser.
De gemeente Grimbergen gaat fietspaden aanleggen langs de Strombeeklinde, een bovenlokale fietsroute die Nieuwenrode en Grimbergen verbindt met Brussel. Ter hoogte van de Romeinsesteenweg, aan de zuidzijde van de Strombeeklinde, sluit deze fietsroute aan op een bovenlokale fietsroute richting Brussel. Aan het Otto de Mentockplein, in het centrum van Strombeek-Bever, loopt de bovenlokale functionele fietsroute in noordelijke richting verder langs de Grimbergsesteenweg en de Brusselsesteenweg.
De Strombeeklinde is gelegen binnen de bebouwde kom. De rijweg is momenteel 10,50 meter breed. Aanliggend aan de rijweg zijn brede voetpaden aanwezig met een variabele breedte van 4,60 à 4,70 meter. In de voetgangerszone zijn met regelmatige tussenafstanden bomen aangeplant. Momenteel zijn er geen fietspaden.
Aan beide zijden van de rijweg worden de fietspaden verhoogd aangelegd met een breedte van 1,75 meter in een rode betonverharding. De breedte van de rijweg zal 6 meter bedragen. Tussen fietspad en rijweg komt er een schrikzone. Aan de buitenzijde van het fietspad komt een parkeerstrook met een uitstapstrook. De voetpaden worden achter de parkeerstroken volledig heraangelegd in grijze betonstraatstenen.
"De gemeente wil het fietsverkeer op deze route verhogen door het comfort, de veiligheid en de zichtbaarheid van de fietser te verbeteren. De geplande weginrichting met voldoende brede aanliggende en verhoogde fietspaden is ideaal voor deze straat met een snelheidsregime van 50 km/uur", zegt Julien Dekeyser, gedeputeerde voor mobiliteit.
Provincie betaalt 40 % van deze fietspaden
Omdat de Strombeeklinde op het bovenlokaal functioneel fietsroutenetwerk ligt, krijgt de gemeente Grimbergen subsidies vanuit het Fietsfonds. "We voorzien ruim 191.000 euro subsidies voor de aanleg van de fietspaden langs de Strombeeklinde in Grimbergen. Dit is 40 % van de kostprijs van deze fietsinfrastructuur. Het Vlaamse gewest doet er nog eens hetzelfde bedrag bovenop", zegt Julien Dekeyser.
De deputatie van Vlaams-Brabant heeft het gemeentelijk ruimtelijk structuurplan van Dilbeek goedgekeurd.
"Dilbeek vervult door haar ligging tussen het Brussels hoofdstedelijk gebied en de grote open ruimtegebieden van het Pajottenland, een belangrijke ruimtelijke scharnierfunctie. Zowel de stedelijke accenten in Groot-Bijgaarden en Dilbeek als de kwalitatieve open ruimten bepalen haar eigenheid", zegt Julien Dekeyser, gedeputeerde voor ruimtelijke ordening.
In de stedelijke kernen van Groot-Bijgaarden en Dilbeek zijn bijkomende woongelegenheden en nieuwe economische ontwikkelingen mogelijk.
In het landelijke gedeelte van Dilbeek zijn er waardevolle vallei- en bosgebieden aanwezig en komen er ook kleinere en geïsoleerde, maar biologisch zeer waardevolle, gebieden voor. De gemeente Dilbeek wil de verdere versnippering van deze waardevolle beekvalleien tegengaan. Het centraal gelegen natuurreservaat 'de Wolfsputten' maakt een groene verbinding met deze versnipperde waardevolle gebieden.
"Dilbeek wil een aangename woonomgeving creëren en inspanningen leveren op vlak van lokale werkgelegenheid door de aanwezige woonkernen te versterken en door aandacht te besteden aan verkeersveiligheid. Met deze benadering kan Dilbeek zijn troeven van afwisseling van landelijke omgevingen met stedelijke ruimtes in hun eigenheid te bevestigen en te versterken", zegt gedeputeerde Dekeyser.
Fietspaden in Kwerpseweg, Bogaertweg en Oude Brusselsebaan in Kampenhout
De gemeente Kampenhout gaat in het kader van rioleringswerken in Nederokkerzeel nieuwe fietspaden aanleggen langs de Kwerpseweg, die het dorp met Erps-Kwerps verbindt. "Momenteel zijn er geen fietsvoorzieningen. En die zijn dringend nodig", zegt Julien Dekeyser, gedeputeerde voor mobiliteit. "Buiten de bebouwde kom zorgt de snelheid van auto's immers voor een onveiligheidsgevoel bij de fietsers. En door het bochtig tracé en het smalle profiel van de weg is er een slechte zichtbaarheid". Binnen de bebouwde kom zullen de fietspaden aanliggend en verhoogd worden aangelegd. Buiten de bebouwde kom worden de fietspaden vrijliggend voorzien, van de rijbaan gescheiden door een groenstrook.
Ook voor fietspaden in de Bogaertweg en de Oude Brusselsebaan in Kampenhout geeft de provincie Vlaams-Brabant subsidies. De Bogaertweg verbindt Nederokkerzeel met Erps-Kwerps en de Oude Brusselsebaan verbindt Nederokkerzeel met Humelgem. "De huidige verbindingen zijn voor fietsers zeer oncomfortabele aardewegen die nog intensief gebruikt worden door landbouwvoertuigen. De gemeente wil het fietsverkeer op deze recreatieve routes verhogen door het comfort, de veiligheid en de berijdbaarheid te verbeteren. En wij zullen ons steentje hiertoe bedragen", zegt Julien Dekeyser. Op beide routes wordt een betonverharding aangelegd met een breedte van 2 meter. Er komen ook tractorsluizen om sluipverkeer te vermijden.
Fietspaden in de Heerbaan, Robbroekstraat, Steenhuffeldorp in Londerzeel
De gemeente Londerzeel zal het centrum van deelgemeente Steenhuffel herinrichten. Samen met grote rioleringswerken worden fietspaden voorzien langs de Heerbaan, de Robbroekstraat en Steenhuffeldorp. Aan de kruising met de fietsroute Leireken met de Brouwerijstraat komet een nieuwe fietsoversteek. In de Heerbaan is er momenteel een smal en aanliggend dubbelrichtingsfietspad aan één kant van de rijweg. Er worden aan beide zijden nieuwe fietspaden aangelegd, van de rijweg gescheiden bij een snelheidsregime van 70 km/uur en aanliggend verhoogd bij 50 km/uur. Aansluitend aan Merchtem zal een vrijliggend dubbelrichtingsfietspad van 2,50 meter breed worden aangelegd, afgescheiden van de rijweg door een haag. Ook aansluitend aan het centrum van Steenhuffel komt over een korte afstand een dubbelrichtingsfietspad. Aan beide zijden van de Robbroekstraat ligt een smalle betonstrook die nu gebruikt wordt door fietsers. Bij de heraanleg wordt een breed dubbelrichtingsfietspad voorzien tussen het kruispunt Heerbaan/Steenhuffeldorp en de Sint-Niklaasstraat, aansluitend op het dubbelrichtingsfietspad in de Sint-Niklaasstraat. Het dubbelrichtingsfietspad wordt vrijliggend aangelegd, afgescheiden van de rijweg door een brede groenstrook. In Steenhuffeldorp, tussen de Sint-Niklaasstraat en de Molenbee, worden aan beiden zijden aanliggende verhoogde enkelrichtingsfietspaden aangelegd van 1,50 m breed.
Provincie betaalt 40 % van deze fietspaden
Omdat deze straten in de gemeenten Kampenhout en Londerzeel op het bovenlokaal functioneel fietsroutenetwerk liggen, krijgen ze subsidies vanuit het Fietsfonds. "We voorzien ruim 257.000 euro subsidies voor de aanleg van de fietspaden in Steenhuffel, 44.000 euro voor de aanleg van fietspaden langs de Kwerpseweg en ongeveer 50.000 euro voor de aanleg van de fietswegen in de Bogaertweg en de Oude Brusselsebaan. In totaal is dit goed voor een investering van zo'n 350.000 euro. Dit is 40 % van de kostprijs van deze fietsinfrastructuur", zegt Julien Dekeyser.
Voor de Kwerpseweg in Kampenhout doet het Vlaamse gewest er nog eens hetzelfde bedrag bovenop omdat het een pad is langs een functionele fietsroute.
De deputatie van de provincie Vlaams-Brabant heeft de studie naar de herbestemming van de Citadel van Diest gegund aan het bureau MOP Urban Design.
De provincie Vlaams-Brabant voert samen met de stad Diest een studie uit naar de herbestemming van de Citadel in Diest. "Deze haalbaarheidsstudie omvat een ruimtelijke visie en onderzoek naar een herbestemming voor het militair domein. Nieuwe invullingen van de bestaande gebouwencomplexen zijn nodig om de fortengordel opnieuw betekenis te geven binnen de stad. Deze invullingen dienen te gebeuren met respect voor de bestaande erfgoed- en natuurwaarden. De studie onderzoekt ook waar de nieuwe jeugdherberg een plaats kan krijgen, want naast de stationsomgeving wordt ook de Citadel als potentiële locatie bekeken", zegt Julien Dekeyser, gedeputeerde voor ruimtelijke ordening.
Deze studie is gegund aan het bureau MOP Urban Design, die deze studie gaat uitvoeren in samenwerking met de bureaus Cluster Landscape en WES vzw.
Het verkeer is geen monster, maar je moet wel de regels kennen en toepassen. Dat is de boodschap die de provincie Vlaams-Brabant wil meegeven aan alle kinderen van de lagere school. Via 19 voorstellingen van het theaterstuk Samoerai ! kunnen 4.800 leerlingen in Asse, Haacht, Leuven, Overijse, Scherpenheuvel-Zichem en Wemmel kennismaken met verkeerseducatie.
Kinderen van de lagere school sensibiliseren over het verkeer en de gevolgen van een verkeersongeval vraagt een bijzondere aanpak. Om op een zinvolle manier rond verkeer te werken, sloegen de provincie Vlaams-Brabant, ZEBRA vzw, de Vlaamse Stichting Verkeerskunde en theatermaker Wim Geysen de handen in elkaar. Op vraag van de vzw ZEBRA werkten Wim Geysen en Peter Van Gucht het nieuwe theaterstuk Samoerai ! uit. Het stuk gaat over verkeer en verkeersveiligheid en over de emoties die erbij komen kijken, voor kinderen van de lagere school. De provincie Vlaams-Brabant biedt Samoerai ! gedurende telkens een week in oktober aan voor de leerlingen van de lagere scholen van Vlaams-Brabant.
Samoerai ! is een aanleiding om de sociale competenties te versterken en om rond gevoelens van verdriet, angst, vreugde te werken na een verkeersongeval. De voorstelling is geschikt voor kinderen van 6 tot 12 jaar en bevat ook specifieke liedjes over het thema verkeer en emoties.
"Aan de hand van de goede raad van Meester Qweh-Tah-Wel, het belangrijkste personage in Samoerai !, willen wij jonge kinderen op een speelse manier sensibiliseren voor de gevaren van het verkeer. Wij willen hen leren dat het verkeer er is voor iedereen en dat het geen vijand hoeft te zijn", zegt gedeputeerde voor mobiliteit Julien Dekeyser.
De voorbije tien jaar werd de fiets steeds minder populair in het woon-schoolverkeer. Daarom start de provincie Vlaams-Brabant voor de derde keer met een 'Bikespotting'-campagne bij jongeren om het fietsgebruik te stimuleren. Jongeren zijn immers de autobestuurders van de toekomst. Otto Jan Ham van Studio Brussel is peter van deze campagne.
"We mikken vooral op de scholen en de jeugdbewegingen. Jongeren zijn de autobestuurders van de toekomst. Als jongeren nu afhaken als fietser, zal het autogebruik alleen maar toenemen. Daarom vragen we de jongeren met een leuk filmpje de fiets te promoten bij hun vrienden en te posten op www.bikespotting.be", zegt Julien Dekeyser, gedeputeerde voor mobiliteit.
"Ik steun met veel plezier deze Bikespotting-campagne van de provincie Vlaams-Brabant", zegt Otto Jan Ham van Studio Brussel. "Fietsen is immers goedkoop, gezond, goed voor het milieu, maar ook cool en leuk. Samen met het Leuvense duo Kevin en Gijs, de twee jongeren die de vorige editie van de Bikespotting-filmwedstrijd wonnen, geef ik het goede voorbeeld met een promotiefilmpje voor de nieuwe campagne".
Een filmwedstrijd kan niet zonder prijzen en dus zijn er bij deze wedstrijd niet één, maar twee hoofdprijzen. Enerzijds is er de categorie scholen met een fietsdag als hoofdprijs. De hele school wordt ingepalmd en alles wordt in het teken van de fiets geplaatst. Er is een ontbijt voor de fietsers, er zijn demonstraties en Otto Jan Ham draait 's middags plaatjes op een door fietsen aangedreven installatie. Anderzijds is er de categorie jeugdwerk met een fuifpakket als hoofdprijs voor de jeugdbeweging met het winnende filmpje. Het fuifpakket bevat alles om met je jeugdbeweging de fuif van het jaar te organiseren : gratis ontwerp en druk van de affiches, gratis huur van de licht- en geluidsinstallatie en met daar bovenop een dj-set van Otto Jan Ham. Scholen en jeugdgroepen kunnen meedoen van 1 oktober 2010 tot 31 januari 2011.
Scholen die gebruik willen maken van de audiovisuele workshops, die de provincie Vlaams-Brabant samen met de Javi vzw uitwerkte, kunnen hiervoor inschrijven tot 31 oktober door te mailen naar bikespotting@vlaamsbrabant.be
Deelnemen kan door in te schrijven via http://www.bikespotting.be/
De provincie Vlaams-Brabant geeft 204.500 euro subsidies voor de aanleg van nieuwe fietswegen in Machelen, Wezembeek-Oppem en Zaventem.
In de gemeenten Machelen, Wezembeek-Oppem en Zaventem worden dit najaar zes nieuwe fietswegen aangelegd.
Drie van deze fietswegen, de Oude Keulseweg, de Kleine Everseweg en de Harenweg in Zaventem en een stukje van de Harenweg in Machelen, behoren tot het bovenlokale functionele fietsroutenetwerk. Twee andere fietswegen, de Konijneweg in Zaventem en de Perkstraat in Wezembeek-Oppem en Zaventem, behoren tot het recreatieve fietsroutenetwerk.
De Kleine Everseweg, de Harenweg, de Oude Keulseweg en de Perkstraat, zijn nu nog onverharde wegen en worden verhard met beton. Het deel van de Harenweg en de Oude Keulseweg, dat ook wordt gebruikt door landbouwers, wordt aangelegd in tweesporenbeton. Voor de Oude Keulseweg worden centraal platte kasseien of platines gebruikt tussen de twee stroken beton. Deze platines verwijzen naar de vroegere Romeinse heirweg. De Konijneweg in Zaventem wordt, omwille van de biologische waarde van deze holle weg, verhard met een gestabiliseerde steenslag.
"Scholieren, fietspendelaars van en naar de bedrijventerreinen in deze regio en recreanten kunnen op deze nieuwe fietswegen veilig, rustig en comfortabel fietsen. De fietsen zijn ook belangrijke schakels voor het fietsverkeer tussen Vlaams-Brabant en Brussel", zegt Julien Dekeyser, gedeputeerde voor mobiliteit.
De aanleg van de zes nieuwe fietswegen kadert in het project 'Open ruimtenetwerk Woluwebekken' van de Vlaamse Landmaatschappij (VLM). "De gemeenten Machelen, Wezembeek-Oppem en Zaventem hebben voor dit fietspadenproject een samenwerkingsakkoord afgesloten met de VLM. Wij ondersteunen deze drie gemeenten samen met 204.500 euro subsidies voor de aanleg van deze fietswegen. Dit is 40 % van de kostprijs", zegt gedeputeerde Julien Dekeyser. Het Vlaamse gewest doet er voor de functionele fietsroutes nog eens hetzelfde bedrag bovenop.
De deputatie van Vlaams-Brabant heeft de herbestemmingen in het gemeentelijk ruimtelijk uitvoeringsplan van Herent goedgekeurd.
"Het ruimtelijk uitvoeringsplan van de gemeente Herent omvat vijf deelplannen, dat van Bergen, Bijlokstraat, Betlehem, Scouts Veltem en Reservatiestrook. Deze deelplannen zorgen ervoor dat de acties die vermeld staan in het gemeentelijk ruimtelijk structuurplan, dat al goedgekeurd is, kunnen uitgevoerd worden", legt Julien Dekeyser, gedeputeerde voor ruimtelijke ordening, uit.
De woonuitbreidingsgebieden Bergen en Bijlokstraat worden door de goedkeuring een zone voor open ruimte. Bij de opmaak van een landschapsinrichtingsplan zal er aandacht zijn voor de bestaande landelijke wegen en grachten. Ook zal er voor het gebied gelegen tussen de Acacialaan en Bergenstraat een erosiebestrijdingsplan uitgevoerd worden.
De uitbreidingsplannen voor zowel het nursinghome 'Oostrem' en het rust- en verzorgingstehuis 'Betlehem' hadden een herbestemming en een aanpassing van het bestaande bijzonder plan van aanleg (BPA) 'Betlehem' nodig om aan de huidige behoeften te kunnen voldoen.
"Dit plan is ook goed nieuws voor de scoutsgroep van Veltem-Beisem. Nu vergadert de scoutsgroep op drie verschillende locaties en zijn de gebouwen sterk verouderd. Bovendien is de gemeente, omwille van de zonevreemde ligging van de huidige gebouwen aan de vallei van de Leibeek en de kwetsbare ligging nabij het natuurreservaat de Molenbeekvallei, op zoek moeten gaan naar een goed alternatief", zegt Julien Dekeyser. "Uit het onderzoek bleek dat de oplossing erin bestaat door aan de L. Van Veltemstraat nieuwe paviljoenen te bouwen en een speelbos te voorzien. Die kunnen zowel door de scoutsvereniging als door andere verenigingen gebruikt worden".
De deputatie van de provincie Vlaams-Brabant heeft het gemeentelijk ruimtelijk structuurplan van Wezembeek-Oppem goedgekeurd.
Door de nabijheid van Brussel en belangrijke invalswegen, zoals de Brusselse Ring en de E40, heeft de gemeente Wezembeek-Oppem een strategische ligging.
De gemeente wil, ondanks de enorme toename van woonwijken, haar landelijke karakter behouden. Zo zal de vallei van de Vuilbeek ontwikkeld worden als gemeentelijk park. Dit park zal een aaneenschakeling vormen van natuurlijke, sociale, culturele en recreatieve ontmoetingsplaatsen binnen de gemeente.
"Ook wil Wezembeek-Oppem werk maken van langzaam verkeer. Zo zal er langsheen de N226-Wezembeeklaan en de N227-Mechelsesteenweg een fietsnetwerk uitgebouwd worden in functie van schoolroutes. De activiteiten langsheen de Mechelsesteenweg tot aan de Varkensmarkt zullen gestructureerd worden tot een aantrekkelijk handelscentrum", zegt Julien Dekeyser, gedeputeerde voor ruimtelijke ordening en mobiliteit.
De Vlaamse overheid keurde het provinciaal ruimtelijk uitvoeringsplan nv Hof ter Molleken en Tuincentrum De Wolf te Gooik en nv De Meuter te Ternat goed.
Hof ter Molleken, Tuincentrum De Wolf en De Meuter hadden problemen met de zonevreemdheid van hun bedrijven.
"Om deze problemen op te lossen hebben we, na het afleveren van een planologisch attest voor elk van deze bedrijven, een ruimtelijk uitvoeringsplan opgesteld. Met dit ruimtelijk uitvoeringsplan wordt het voor deze bedrijven mogelijk om hun activiteiten op de huidige locatie verder te zetten", zegt Julien Dekeyser, gedeputeerde voor ruimtelijke ordening.
De bedrijfsactiviteiten van Hof ter Molleken uit Gooik bestaan voornamelijk uit het stallen en verzorgen van paarden. Maar naast de typische manegeactiviteiten worden er ook overnachtingsmogelijkheden voor groepen uitgebaat.
Eveneens in Gooik, in de omgeving van de woonkern Leerbeek, is het historisch gegroeid bedrijf Tuincentrum De Wolf gelegen. De bedrijfsactiviteiten bestaan enerzijds uit de marktverkoop van eigen gekweekte planten en bloemen en anderzijds uit het aanbieden van tuinartikelen.
De firma De Meuter is gelegen in Ternat, langs de Assesteenweg, en verzorgt transporten voor grond- en afbraakwerken.
De provincie Vlaams-Brabant en de stad Diest gaan samen de mogelijkheden voor een herbestemming van de Citadel van Diest onderzoeken. Nu het 1ste Bataljon Parachutisten, na bijna zestig jaar aanwezigheid in Diest, de Citadel zal verlaten, moet er gezocht worden naar een nieuwe bestemming voor dit beeldbepalende gebouw.
"De Citadel is immers een belangrijk, beeldbepalend en beschermd monument in Diest. Nieuwe invullingen van de bestaande gebouwencomplexen zijn nodig om de 'Citadel' opnieuw betekenis te geven binnen de stad. Deze invullingen dienen te gebeuren met respect voor de bestaande erfgoed- en natuurwaarden. Daarom gaan we, samen met de stad Diest, nog dit jaar een studie laten opmaken waarin de haalbaarheid en de randvoorwaarden voor de realisatie van mogelijke nabestemmingen voor de Citadel worden onderzocht", zegt Julien Dekeyser, gedeputeerde voor ruimtelijke ordening.
De deputatie van de provincie Vlaams-Brabant heeft het gemeentelijk ruimtelijk structuurplan van Herne goedgekeurd.
"De ruimtelijke kwaliteiten van Herne zijn vooral het nog gave landschap met beekvalleien en groengebieden. Sommige beekvalleien, zoals het gebied rond de Markvallei, en enkele bossen zijn biologisch zeer waardevol en bieden mogelijkheden om in de toekomst aan natuurontwikkeling te doen", zegt gedeputeerde voor ruimtelijke ordening Julien Dekeyser.
Landbouw is in Herne nog sterk aanwezig, met in het noorden nog zeer veel boomgaarden en boomkwekerijen, en de belangrijkste economische activiteit. "De vruchtbare leemgrond en de aanwezige gemengde vee- en akkerbouwbedrijven bieden zeker nog mogelijkheden voor een gedifferentieerde uitbouw van de landbouw", stelt Julien Dekeyser.
"De gemeente Herne heeft het landelijk karakter door de jaren heen zeer goed weten te behouden en dit beleid kan nu met het door de provincie goedgekeurde gemeentelijk ruimtelijk structuurplan verder gezet worden", besluit gedeputeerde Dekeyser.
De deputatie van de provincie Vlaams-Brabant heeft het gemeentelijk ruimtelijk structuurplan van Bever goedgekeurd.
De gemeente Bever profileert zich als een uitgesproken landelijke gemeente met veel open ruimte. Ze wil deze landelijke kenmerken bewaren en verstevigen via het gemeentelijk ruimtelijk structuurplan. De landbouw is er de belangrijkste economische activiteit. Het landbouwbeleid wil de kansen voor de productielandbouw nog vergroten, met aandacht voor de natuur.
De landschappelijke kwaliteiten wil de gemeente gebruiken om toeristen aan te trekken. Zo zullen er nieuwe wandel- en fietsroutes ontwikkeld worden en wil de gemeente hoevetoerisme stimuleren.
"Op vlak van bedrijvigheid en wonen zijn ontwikkelingen op grote schaal niet wenselijk in Bever", zegt Julien Dekeyser, gedeputeerde voor ruimtelijke ordening. "Maar een kleinschalig lokaal bedrijventerrein is wel nodig voor de lokale ondernemingen".
Om het aanbod van woningen in de dorpskern te vergroten, zal en ruimtelijk uitvoeringsplan opgemaakt worden.
In vergadering van 15 juli 2010 heeft de deputatie van Vlaams-Brabant het RUP Sint-Jorisplein te Tienen goedgekeurd. Dit ruimtelijk uitvoeringsplan vervangt het bestaande BPA 'Kazerne' dat werd goedgekeurd door de minister op 19 juli 2005.
"Met de opmaak van dit ruimtelijk uitvoeringsplan wil de stad Tienen een nieuwe bestemming geven aan de terreinen van de oude artilleriekazerne en de relatie met de binnenstand versterken", stelt Julien Dekeyser, gedeputeerde voor ruimtelijke ordening.
Concreet kadert dit RUP binnen het stadsvernieuwingsproject 'Kazerne Voorplein' van de stad Tienen dat gesubsidieerd wordt door de Vlaamse Overheid. Met dit project wil de stad Tienen het plangebied ontwikkelen tot een volwaardig stadselement met een multifunctioneel karakter. Zo zal er plaats zijn voor 'wonen', maar ook andere actitivteiten zoals handel, diensten en socio-culturele voorzieningen.
De huidige parkeerfunctie zal echter niet verdwijnen, maar geïntegreerd worden in de ontwikkeling van het plangebied. Het gemotoriseerd verkeer zal de stad nog vlot kunnen bereiken, en voor het langzaam verkeer zullen er hoogwaardige verbindingen voorzien worden met de binnenstad. Het project zal een meerwaarde betekenen voor het stadscentrum van Tienen.
De provincie Vlaams-Brabant start deze zomer een project op waarin de problematiek van het permanent wonen in tweede verblijven grondig wordt onderzocht. Na het pilootproject in Boortmeerbeek, Zemst, Haacht en Kampenhout, is nu de rest van de provincie aan de beurt.
De deputatie heeft het studiebureau Grontmij aangesteld. Het studiebureau zal samen met de provincie de permanent bewoonde campings en weekendverblijven onder de loep nemen om een geschikte oplossing uit te werken. In 2007 boden ruimtelijke uitvoeringsplannen al oplossingen met een kwalitatief woonaanbod in voormalig recreatiegebied voor de regio Boortmeerbeek, Zemst, Haacht en Kampenhout. Nu wordt de rest van de provincie bekeken.
Het komende jaar wordt in nauw overleg met de gemeenten een toekomstvisie opgesteld voor de terreinen met permanent bewoonde tweede verblijven. Dat zal concreet vorm krijgen in provinciale ruimtelijke uitvoeringsplannen (PRUP's).
"Omdat er onzekerheid is bij vele bewoners, willen we snel werken. De fase van onderzoek en visievorming zal een jaar in beslag nemen, en het planologische luik dat hierop volgt moet aan het eind van de zomer van 2012 afgerond zijn", aldus een ambitieuze gedeputeerde Julien Dekeyser.
De provincie is bevoegd voor het ontwikkelen van een visie op de ruimtelijke ordening. In het ruimtelijk structuurplan Vlaams-Brabant is het oplossen van de problematiek van permanent wonen in weekendhuisjes in recreatiegebied een belangrijk actiepunt.
Temidden van koning auto vormen de buurt- en voetwegen veilige, korte en aangename verbindingen voor de voetganger en de fietser. De regelgeving dateert van 1954, gebaseerd op een oude wet van 1841. De provincie Vlaams-Brabant legde een aangepast reglement voor aan minister Crevits dat nu is goedgekeurd.
"Bestaande wetgeving moet men ter tijd en stond onder de loep durven nemen en desgevallend vereenvoudigen. In dit geval betreft het een oude krokodil uit de jaren '50 gebaseerd op een nog oudere wet van 1841. Deze was volledig betekenisloos geworden. Ons aangepast reglement zorgt voor heldere rollen en taken en is toepasbaar op het terrein !", aldus een actiegerichte gedeputeerde Dekeyser, bevoegd voor mobiliteit.
De vereenvoudiging bestaat er in hoofdzaak in dat de onderhouds- en toezichtsfunctie op de betreffende wegels volledig bij de gemeenten komt te liggen. De provincie behoudt het overzicht door middel van een digitale wegenatlas en voert een ondersteunend en stimulerend beleid. Begeleiding bij de uitwerking van een netwerk van veilige wandel- en fietspaden, signalisatie en markering staan voorop.
"Onze inwoners worden zich ook meer en meer bewust van het nut en plezier van gebruik van deze historische weggetjes en routes. Zij bieden immers voor voetgangers en fietsers een veilige en aangename route, niet gehinderd door de alom aanwezige koning auto. Dat was tevens een van de hoofdredenen om het provinciaal reglement over de buurtwegen te actualiseren", besluit Julien Dekeyser.
In het kader van de realisatie van het masterplan 'Aarschot op sporen' werd op 29 juni jl., ter gelegenheid van de eerste paalfundering, het startschot gegeven van de werken aan de brug over de sporen.
Het masterplan is het eindresultaat van een geslaagde samenwerking tussen de provincie, de stad en de NMBS Holding. De provincie Vlaams-Brabant blijft ook de uitvoering van dat masterplan coördineren.
De realisatie van de fietsbrug vormt een belangrijke stap in de uitbouw van de stationsomgeving van Aarschot als een goed bereikbare en kwalitatieve woon- en werklocatie. De fietsbrug verbindt de auto- en fietsparkings in de stationsomgeving rechtstreeks met de trein- en busperrons. De brug vormt ook een noodzakelijke verbinding tussen de binnenstad, de bedrijvenzone Nieuwland en de groene long van het park Elzenhof. Het ambitieuze ontwerp zal Aarschot op de kaart zetten als poort tot de provincie Vlaams-Brabant. De provincie steunt dit project dan ook vanuit verschillende beleidsdomeinen.
"De provincie betaalt ook effectief mee aan de nieuwe brug. Hiervoor werd eind vorig jaar een subsidiebedrag van 300.000 euro vastgelegd. De brug heeft een breedte van bijna 5 meter. Het wegdek wordt uitgevoerd in asfalt. De bijkomende trappen naar de perrons komen hierop uit. Voor de hellingsgraden van de brug wordt rekening gehouden met de richtlijnen uit het Vademecum Fietsvoorzieningen. Het ontwerp van de brug werd gescreend door het Toegankelijksheidsbureau, op vraag van de provincie. Zo wordt er bijv. op regelmatige afstanden een vlak gedeelte voorzien in de hellingen van de brug, zodat minder mobielen kunnen rusten en fietsers op adem komen", aldus gedeputeerde voor mobiliteit en ruimtelijke ordening Julien Dekeyser.
Ook door Europa wordt het project, dankzij de inzet vanuit de provincie, volop gesteund. Via het Doelstelling 2-programma (2007-2013) steunt het Europees Fonds voor Regionale Ontwikkeling (EFRO) dit project met 1.584.064 euro.
De provincie Vlaams-Brabant roept de Vlaamse regering op om geld vrij te maken voor De Lijn om haar projectplan te kunnen realiseren. Ze keurde daar zelfs een motie voor goed. Het projectplan moet de verkeersproblemen in de provincie het hoofd kunnen bieden. Tegen 2020 wil De Lijn vier tramverbindingen aanleggen, drie snelbusverbindingen van en naar Brussel realiseren en het trein- en busaanbod in de regio Leuven opwaarderen. Tegen 2025 staan er nog vijf tramverbindingen op het programma en tegen 2030 nog vier in de regio Leuven.
"Er moet dringend iets gebeuren, want het verkeersprobleem wordt steeds nijpender in Vlaams-Brabant", zegt gedeputeerde voor mobiliteit Julien Dekeyser. "Vooral rond Brussel blijven er nog heel wat filegevoelige zones aanwezig. Wij vinden dus dat de Vlaamse regering, zelfs in tijden van crisis en besparingen, moet blijven investeren in projecten die de mobiliteitsdruk aanpakken".
De provincieraad van Vlaams-Brabant keurde de provinciale ruimtelijke uitvoeringsplannen voor een aantal bedrijven, waaronder het sloop- en bouwbedrijf De Meuter te Ternat goed.
De jongste dagen domineerden de wereldwijde beursneergang en dramatische werkloosheidscijfers de internationale en nationale pers. België gaat niet vrijuit, ook de provincie Vlaams-Brabant niet.
Als provincie scoren we vandaag qua algemene werkloosheidsgraad bij de beste Vlaamse provincies: een werkloosheidsgraad van 5,30 % (aldus de gegevens van de VDAB - maand mei 2010). Limburg en Antwerpen scoren het slechts met respectievelijk 7,44 % en 8,30 %. Als we echter de vergelijking maken met een jaar geleden, is onze werkloosheid echter drastisch toegenomen (met 7 %).
"Als regionale overheid dienen we - zeker vandaag de dag - voluit te gaan voor de stimulering en versterking van de aanwezige bedrijven in onze regio. Met het ruimtelijk uitvoeringsplan wordt een uitbreiding mogelijk gemaakt van de thuishaven van het bouwbedrijf De Meuter te Ternat", aldus een gedreven liberale gedeputeerde Julien Dekeyser. Het sinds 1977 opgerichte bedrijf van de twee broers De Meuter stelt vandaag circa 250 mensen te werk.
Hoewel Brussel niet ver weg is, zijn er in Kraainem, Zaventem en Wezembeek-Oppem nog heel wat mooie buurt- en voetwegen en andere trage wegen te bespeuren. Veel van deze wegen zijn echter in de vergetelheid geraakt. Twee jaar geleden besloten de provincie Vlaams-Brabant en de Vlaamse Landmaatschappij de handen in elkaar te slaan om gezamenlijk een project op te starten om de trage wegen en buurt- en voetwegen te inventariseren. Met kaartmateriaal zijn een aantal vrijwilligers aan de slag gegaan op het terrein.
"Op basis van deze ervaring willen we aan de andere gemeenten van de provincie een methodiek rond de inventarisatie aanleveren", vertelt Julien Dekeyser, gedeputeerde voor mobiliteit en ruimtelijke ordening. "Dit project is immers het eerste pilootproject waarbij de provincie de gemeenten actief wil ondersteunen. Dit jaar zijn er ook in Asse, Hoeilaart, Holsbeek, Keerbergen, Kortenberg, Machelen, Oud-Heverlee, Ternat en Tielt-Winge pilootprojecten opgestart rond zes thema's over buurt- en voetwegen. Zo gaan we een uniforme signalisatie voor buurt- en voetwegen ontwikkelen en onderzoekt ze bij een aantal gemeenten hoe een buurt- of voetweg terug te heropenen".
De provincie Vlaams-Brabant lanceert samen met de Vlaamse Landmaatschappij een fotowedstrijd en -zoektocht over buurt- en voetwegen in Wezembeek-Oppem, Kraainem en Zaventem. De bedoeling is om de inwoners uit de streek kennis te laten maken met het onbekend patrimonium van buurt- en voetwegen. Er zijn twee wandellussen en één fietslus. Deelnemers kunnen een streekproductenpakket winnen.
"Via deze wedstrijd willen we de inwoners de mooie maar minder gekende recreatieve paden laten ontdekken in deze drie randgemeenten rond Brussel. En dat er in deze gemeenten nog heel wat verborgen doorsteken zijn, hebben we ondervonden tijdens ons pilootproject rond de inventarisatie van de buurt- en voetwegen", zegt Julien Dekeyser.
De deelnameformulieren kan men afhalen bij het onthaal van de gemeentehuizen van de drie gemeenten of via http://moorsel.vlm.be/ Deelnemen kan tot 1 september.
De provincie Vlaams-Brabant organiseerde op zaterdag 24 april jl. in het provinciedomein van Kessel-Lo een wedstrijd verkeersveiligheid voor leerlingen van het zesde leerjaar uit het lager onderwijs. Vijfentwintig Vlaams-Brabantse lagere scholen namen aan de wedstrijd deel. Zij vaardigden in totaal 69 leerlinen af naar deze wedstrijd. Per school konden maximum drie leerlingen aan de wedstrijd meedoen.
"De wedstrijd sluit aan bij de lessen verkeersopvoeding in de lagere school en bij de eindtermen verkeers- en mobiliteitseducatie. De wedstrijd is erop gericht kinderen te leren inzien dat een degelijke kennis van de verkeersregels noodzakelijk en zelfs levensreddend is. Kinderen hebben een beperkte verkeerservaring en zijn vaak onvoldoende stuurvaardig om te leren anticiperen op gevaarlijke situaties", zegt Julien Dekeyser, gedeputeerde voor mobiliteit.
"De winnaar van de wedstrjid is Kjell Vanden Elschen. Hij is leerling van de Stedelijke Basisschool De Klim-op uit Lembeek en nam een prachtige mountainbike en een prijzenpakket mee naar huis. Hij behaalde 189 punten op een totaal van 200", maakt gedeputeerde Dekeyser bekend.
De tweede prijs is voor Florian De Samblanx van de Vrije Lagere School De Rank uit Wezemaal. Hij behaalde 184 punten op 200. De derde plaats in de rangschikking wordt bekleed door Evelien Goossens van de Vrije Basisschool De Duizendpoot uit Glabbeek-Bunsbeek. Zij scoorde 181 punten op 200. Beiden kregen eveneens een mountainbike cadeau. Alle winnaars krijgen een geschenkenpakket dat oa. bestaat uit een plunjezak, een boekenbon, filmtickets, fietsroutekaarten en toegangskaarten voor recreatieparken. Daarenboven krijgen zij naar gelang van hun rangschikking nog bijkomende prijzen.
In de scholenrangschikking sleept de Stedelijke Basisschool De Klim-op uit Lembeek met 535 punten op een totaal van 600 de eerste prijs in de wacht. De winnende school ontvangt 500 euro, een beker en tickets voor het jeugdsportival. De school op de tweede plaats met 528 punten op 600 is de Gemeentelijke Basisschool Blokbos uit Lot. Deze school ontvangt 250 euro, een beker en een natuur- en milieueducatieve activiteit voor het zesde leerjaar. De derde prijs gaat naar de Gemeentelijke Basisschool De Regenboog uit Kortenberg. Deze school verzamelde 514 punten op 600 en ontvangt een geldprijs van 150 euro, een beker en een lessenpakket Natuurlijke Energie. De scholen die op de vierde tot en met de twintigste plaats werden gerangschikt krijgen elk 100 euro vanwege de provinciale overheid.
De wedstrijd wordt georganiseerd in samenwerking met de politiezones Leuven, Aarschot, BRT (Begijnendijk, Rotselaar, Tremelo), Haacht, Lubbeek, Tienen-Hoegaarden en de politiezone Tervuren. Ook het Belgisch Instituut voor de Verkeersveiligheid (BIVV), de Wegenpolitie Brabant van de federale politie (WPR), de provinciedomeinen van Kessel-Lo en Diest, de Koninklijke Federatie van officieren en hogere ambtenaren van de Belgische Politie vzw, het Vlaamse Kruis vzw en de provinciale diensten sport, leefmilieu, maatschappelijke veiligheid, onderwijs en de provinciale informatiedienst verlenen hun medewerking aan de wedstrijd.
De provincie Vlaams-Brabant gaat samen met Asse, Hoeilaart, Holsbeek, Keerbergen, Kortenberg, Machelen, Oud-Heverlee, Ternat en Tielt-Winge pilootprojecten over buurt- en voetwegen uitwerken. De bedoeling is op basis van deze negen projecten een duidelijk kader te scheppen voor de structurele aanpak van buurt- en voetwegen op maat van de gemeenten.
Vorig jaar deed de provincie een oproep naar alle gemeenten van Vlaams-Brabant. Ze konden zich kandidaat stellen voor actieve ondersteuning bij de uitwerking van een bepaald thema rond buurt- en voetwegen. Asse, Hoeilaart, Holsbeek, Keerbergen, Kortenberg, Machelen, Oud-Heverlee, Ternat en Tielt-Winge hebben hierop gereageerd. "We gaan in de loop van dit en volgend jaar pilootprojecten samen met deze negen gemeenten ontwikkelen rond zes thema's", zegt Julien Dekeyser, gedeputeerde voor mobiliteit en ruimtelijk ordening.
"De heropening van de buurt- en voetwegen is het meest begeerde thema", stelt gedeputeerde Julien Dekeyser vast. De gemeenten Oud-Heverlee, Tielt-Winge en Asse zullen ondersteuning krijgen van de provincie bij de heropening van telkens een achttal buurt- en voetwegen.
De provincie werkt ook aan een uniforme signalisatie van de buurt- en voetwegen. De gemeente Hoeilaart zal hiervoor de pilootgemeente zijn. "Signalisatie is belangrijk om de buurt- en voetwegen zichtbaar te maken, waardoor deze wegen meer gebruikt worden", meent gedeputeerde Dekeyser.
De gemeente Kortenberg gaat een aantal schoolroutes langs buurt- en voetwegen beter herinrichten zodat schoolgaande fietsers veilig naar school kunnen fietsen.
De gemeente Ternat zal een trage wegennetwerk uitstippelen. De gemeente Machelen wil voor een aantal buurt- en voetwegen een goed onderhoudsplan opmaken en voor de gemeente Keerbergen zal de provincie meehelpen aan de opmaak van een onderbouwde visie.
De gemeente Holsbeek heeft reeds vele acties rond buurt- en voetwegen ondernomen. Toch zijn er nog verschillen met de Atlas der buurtwegen en de situatie op het terrein. De gemeente wil samen met de provincie kijken naar een oplossing voor deze locaties.
De deputatie van de provincie Vlaams-Brabant heeft een aanvraag tot planologisch attest van het bedrijf 'De Vijvers' nv voor de grootschalige herontwikkeling van het domein De Vijvers in Scherpenheuvel-Zichem gunstig geadviseerd.
"De streek rond de abdij van Averbode kende vroeger een waterrijk verleden. Dit gebied was rijk aan vennen en vijvers, veelal gebruikt voor viskweek. Het domein 'De Vijvers' is momenteel één van de weinige noemenswaardige restanten. Sedert reeds enige tijd liggen de vijver, de omliggende gronden en bijhorende accomodatie zoals de speeltuin en de camping, er wat verwaarloosd bij", weet Julien Dekeyser, gedeputeerde voor ruimtelijke ordening.
Een recreatieve attractie, Energy Park gedoopt, zal worden ontwikkeld als centrum voor herbronning rond thema's als sport, muziek en kunst. Het is gericht op faciliteiten voor recreatieve en topsporters, bestemd als vakantiebestemming voor actieve gezinnen, en als polyvalent recreatiedomein voor kinderen en jongeren. Zo wordt er een evenementenhal van 13.000 m² met atletiekpiste en cyclodroom voorzien, tal van buitenterreinen voor sport, een ruime verblijfsaccomodatie met 200 vakantiewoningen, een jeugdherberg, avonturenpark en activiteitenweide.
"Als provincie zeggen we onze volle steun toe aan dit ambitieuze project ter waarde van 50.000.000 euro. De regio rond de abdij van Averbode te Scherpenheuvel-Zichem krijgt hierbij tegen 2012 een stevige sportieve en recreatieve injectie. De uitbouw van het domein zet de provincie Vlaams-Brabant op de kaart als 'recreatieve sportregio", aldus een ambitieuze gedeputeerde Julien Dekeyser.
De provincie Vlaams-Brabant ontwikkelt, in navolging van het openbaar vervoer, een Gewestelijk Express Net voor de fiets. De barrièrewerking van de Brusselse Ring voor fietsers wordt hiermee aangepakt. De provincie schuift twee routes, een van Asse via Zellik naar Brussel en de andere van Leuven via Zaventem naar Brussel, voor.
"De ministers Crevits en Grouwels willen een initiatief opstarten om de mobiliteitsproblematiek tussen het Vlaams en het Brussels Hoofdstedelijk Gewest aan te pakken. In dit kader wordt gesproken over een fietsGEN. Een prima idee", vindt Julien Dekeyser, gedeputeerde voor mobiliteit en ruimtelijke ordening. "Alleen is de vraag : wat is zo'n fietsGEN ? Her en der wordt immers deze term bovengehaald, maar niemand zegt waarover het gaat. De functie van een fietsGEN kan op heel wat manieren ingevuld worden. Gaat het om fietssnelwegen naar Brussel ? Gaat het over fietspaden naar GEN-stations voor openbaar vervoer ? En wat dan met de bereikbaarheid van de vele attractiepolen in het Vlaams Strategisch Gebied rond Brussel ?".
De provincie Vlaams-Brabant wil hierop een antwoord formuleren en heeft de intentie om een studie uit te schrijven om het fietsGEN verder vorm te geven. "We zijn er van overtuigd dat het geen zin heeft om enkel te focussen op fietsverplaatsingen over lange afstanden. De provincie is alvast bereid om het bovenlokaal functioneel fietsroutenetwerk in de Vlaamse rand te optimaliseren zodat het ook voor lokale verplaatsingen aantrekkelijker wordt", zegt gedeputeerde Julien Dekeyser.
De Brusselse Ring is een belangrijke barrière voor intergewestelijk fietsverkeer. De voorziene aanpassingen aan deze Ring zijn een opportuniteit om meteen ook te investeren in kruisende fietsrelaties. De provincie schuift alvast twee routes met groot potentieel naar voor waarbij de kruising van de RO van fundamenteel belang is.
Er is de OMA B route Asse-Brussel. Deze route van Asse via Zellik naar Brussel loopt langs de spoorlijn 60. De fietsers kruisen de Brusselse Ring via een bestaande spoortunnel, die wordt uitgerust met een fietspad. Deze route heeft heel wat troeven. Ze maakt verschillende GEN-stations en attractiepolen bereikbaar met de fiets, ze biedt een grote meerwaarde voor lokaal fietsverkeer en is snel, continu en erg aantrekkelijk.
Een tweede route is de HST-route Leuven-luchthavenregio-Brussel met een ontdubbeling, fietsdiabolo, ter hoogte van de Brusselse Ring. "Naast de geplande spoordiabolo voor een betere ontsluiting van de luchthaven per spoor pleiten we nu ook voor een fietsdiabolo. Behalve een fietstunneltje onder de Ring dat aansluiting geeft op Woluwedal, is er momenteel geen fietsoversteek over het hele tracé van de Brusselse Ring tussen Diegem en Zaventem. Door een nieuwe fietsbrug over de Ring te bouwen tussen de spoorwegbrug en de brug van de Henneaulaan, ontstaat een uitwisseling tussen verschillende bovenlokale fietsroutes. De GEN-stations van Zaventem en Diegem, de woonkernen en de bedrijventerreinen, onder andere het luchthavendomein, bedrijvenzone Keiberg, Zaventem-Noord en Da Vinci, worden met elkaar verbonden en worden eindelijk vlot en veilig bereikbaar met de fiets", zegt gedeputeerde Julien Dekeyser.
In afwachting van verdere beslissingen rond de omvorming van de Brusselse Ring gaat de provincie samen met de betrokken partners de haalbaarheid van de fietsdiabolo bekijken en concrete plannen maken. "Op die manier kunnen de nodige fietswerken al geïntegreerd worden in de plannen voor de Brusselse Ring", besluit gedeputeerde Julien Dekeyser.
De Vrije Basisschool Ourodenberg in Aarschot ging op 3 mei van start met fietspoolen. Deze school wil zo veilig en milieuvriendelijk schoolvervoer organiseren. Deze fietspool kadert in het MOSmobi-project van de provincie Vlaams-Brabant.
De leerlingen van de Vrije Basisschool Ourodenberg uit Aarschot vertrekken vanuit vier verschillende lokaties onder begeleiding per fiets naar hun school. Ze maken gebruik van autoluwe fietsroutes om zo veilig en milieuvriendelijk naar school te gaan. Onderweg kunnen leerlingen aanpikken. De grote groep komt samen aan op school.
"Via MOSmobi ondersteunt de provincie Vlaams-Brabant initiatieven in 48 scholen voor milieuvriendelijk en veiliger schoolvervoer. VBS Ourodenberg kreeg in het verleden al driemaal een MOSmobi-label als erkenning en ontving financiële steun voor de eigen acties. Daarmee werden oefenfietsen voor kinderen aangekocht en straatmeubilair aangeschaft voor een veiligere schoolomgeving. Hoe meer leerlingen immers naar school stappen en trappen, hoe hoger de verkeersveiligheid aan de schoolpoort. Er verschijnen minder auto's aan de school, wat bovendien goed is voor het milieu. MOSmobi biedt een duurzame oplossing voor het woon-schoolverkeer", zegt Julien Dekeyser, gedeputeerde voor mobiliteit.
Op zaterdag 24 april organiseerde de provincie Vlaams-Brabant haar provinciale wedstrijd verkeersveiligheid voor leerlingen van alle Vlaams-Brabantse lagere scholen om hun fietsvaardigheden en verkeerskennis te testen. Per school mogen drie leerlingen van het zesde leerjaar aan de wedstrijd deelnemen. Zesentwintig Vlaams-Brabantse lagere scholen vaardigden in totaal 74 leerlingen af naar de provinciale wedstrijd verkeersveiligheid 2010.
"Kinderen zijn zwakke weggebruikers. Ze hebben een beperkte verkeerservaring en zijn vaak nog niet voldoende stuurvaardig om te leren anticiperen op gevaarlijke situaties. Een degelijke kennis van de verkeersreglementering, een vlotte fietsvaardigheid en een goed waarnemingsvermogen zijn noodzakelijke wapens voor jonge fietsers en voetgangers om zich veilig in het verkeer te begeven. Om die vaardigheden te testen organiseren we een wedstrijd verkeersveiligheid voor leerlingen van alle Vlaams-Brabantse lagere scholen", zegt Julien Dekeyser, gedeputeerde voor mobiliteit.
De wedstrijd bestaat uit twee theoretische en twee praktische proeven. De theoretische proeven polsen naar de kennis van het verkeersreglement en de plaats van de fietser in het verkeer. De twee praktische proeven testen de fietsvaardigheid en de behendigheid van de deelnemers in het verkeerspark en op het behendigheidsparcours.
Elke deelnemer aan de wedstrijd ontvangt een prijzenpakket bestaande uit reflecterend hesje en rugzakhoes, filmticket, drinkbus en veiligheidsverhogende gadgets. Wie bij de dertig winnaars is, maakt kans op een mountainbike, kampeeruitrusting, waardebon of een sportzak. Voor de twintig winnende scholen zijn er geldprijzen van 100 tot 500 euro.
De twintig scholen en de dertig deelnemers die de beste resultaten behalen krijgen hun prijs op de uitreiking die plaatsvindt op zaterdag 29 mei a.s. in het Provinciaal Instituut voor Vorming en Opleiding (PIVO) te Relegem.
De wedstrijd wordt georganiseerd in samenwerking met de politiezones Leuven (dienst Verkeersorganisatie en Mobiliteit), Aarschot, BRT (Begijnendijk, Rotselaar, Tremelo), Haacht, Lubbeek, Tienen-Hoegaarden en de politiezone Tervuren. Ook het Belgisch Instituut voor de Verkeersveiligheid (BIVV), de Wegenpolitie Brabant en de federale politie (WPR), het provinciedomein van Kessel-Lo, de Koninklijke Federatie van officieren en hoge ambtenaren van de Belgische Politie vzw, het Vlaams Kruis vzw en de provinciale diensten sport, leefmilieu, maatschappelijke veiligheid, onderwijs en de provinciale informatiedienst verlenen hun medewerking aan de wedstrijd.
De provincie Vlaams-Brabant geeft 96.000 euro subsidies voor de aanleg van een fietspad in Boortmeerbeek en 172.680 euro voor fietspaden in Grimbergen
In de Heverbaan in Boortmeerbeek is men volop bezig met de aanleg van een dubbelrichtingsfietspad, veilig afgeschermd door een haagje. Het fietspad wordt 2,5m breed. Kort voor de kruising met de Bieststraat komt een oversteekplaats en splitst het fietspad in twee aanliggend verhoogde enkelrichtingsfietspaden van 1,5m in combinatie met een voetgangersstrook. "De Heverbaan vormt de verbinding tussen de kern van Boortmeerbeek en deze van Hever en ligt op het bovenlokaal functioneel fietsroutenetwerk. Aan de zijde van Boortmeerbeek sluit het fietspad aan op de nieuwe fietsweg langs de spoorweg tussen de Kapitein Tobbackstraat en het station, ook gesubsidieerd door de provincie Vlaams-Brabant", zegt Julien Dekeyser, gedeputeerde voor mobiliteit.
De oude fietspaden waren zeer onveilig omdat ze vol putten en barsten lagen. Ook was er totaal geen afscherming van het autoverkeer. De provincie voorziet hiervoor 96.000 euro aan subsidies of 40 % van de kost van de fietspaden. Het Vlaamse gewest doet hier hetzelfde bedrag bovenop.
In de Strombeeklinde te Grimbergen komen er binnenkort aanliggend verhoogde fietspaden aan beide zijden van de rijweg. De fietspaden worden aangelegd in rode beton en zullen 1,75m breed zijn. De provincie voorziet 172.680 euro voor dit project of 40 % van de kostprijs van de fietspaden. Het Vlaamse gewest doet er hetzelfde bedrag bovenop.
"De fietsroute via de Strombeeklinde is gelegen binnen de bebouwde kom. Er geldt een snelheidsbeperking van 50 km/uur. Momenteel zijn er geen fietspaden aanwezig. Er komen ook parkeerstroken en brede voetpaden", zegt gedeputeerde Julien Dekeyser.
De provincie Vlaams-Brabant gaat met de basisscholen en de gemeentebesturen maatregelen ontwikkelen om de schoolomgevingen veiliger te maken. Want hoewel de zone 30 in schoolomgevingen als sinds 2005 wettelijk verplicht is in België, blijft ze voor veel scholen een zorgenkind. Doorgaand verkeer met onaangepaste snelheden, parkeerchaos aan de schoolpoort, onbeveiligde oversteekplaatsen, een gebrekkige fietsinfrastructuur zijn jammer genoeg geen uitzonderingen.
Scholen voelen zich vaak een beetje machteloos. Het is moeilijk (en in bepaalde gevallen ook niet te verantwoorden) om ouders en kinderen te overtuigen om meer met de fiets naar school te komen als de verkeersveiligheid aan de schoolpoort te wensen overlaat. En zo zijn we aanbeland bij de bekende vicieuze cirkel : ouders vinden het te onveilig om hun kind(eren) met de fiets (of te voet) naar school te lagen gaan; de kinderen worden met de auto naar school gebracht; hierdoor neemt de onveiligheid rond de school verder toe en opteren nog meer ouders voor de auto, enz...
"De provincie wil samen met basisscholen en gemeentebesturen maatregelen uitwerken om deze vicieuze cirkel te doorbreken", vertelt gedeputeerde Julien Dekeyser. "Afhankelijk van de specifieke schoolomgeving kan bijv. gedacht worden aan autoluwe 'doorsteekjes' voor fietsers en voetgangers, structuur brengen in de parkeerchaos, potentiële conflicten met doorgaand verkeer beperken, enz... We hebben dat een eerste keer uitgeprobeerd in ons proefproject in de vrije basisschool 'De Bosuiltjes' in Schiplaken (Boortmeerbeek) en nu trekken we dit open naar andere scholen. Maar infrastructuur alleen volstaat niet. Het is minstens even belangrijk om initiatieven te nemen rond educatie en sensibilisatie. We vragen daarom aan de scholen om zich te engageren voor MOSmobi".
Sinds de opstart van MOSmobi in 2006 ondersteunt de provincie basisscholen bij hun inspanningen om het schoolverkeer veiliger en milieuvriendelijker te laten verlopen. De MOSmobi-subsidies van maximaal 2.500 euro per schooljaar geven de scholen bovendien een financieel ruggensteuntje.
De provincie Vlaams-Brabant, de gemeenten Haacht en Boortmeerbeek, Infrabel, de NMBS Holding, De Lijn en het Agentschap Wegen en Verkeer gaan de mobiliteitsproblematiek in de stationsomgeving van Haacht aanpakken. Ze maken plannen voor een tunnel onder of een brug over de sporen en gaan de stationsomgeving nieuw leven inblazen. De partners ondertekenden op 16 maart een intentieverklaring. Het studiebureau Stramien heeft het voorstel van concept voor de stationsomgeving klaar. Dinsdagavond 16 maart was er een informatievergadering voor de omwonenden.
Het beeld dat momenteel het meest typerend is voor de stationsomgeving van Haacht is dat van een lange rij auto's voor een gesloten overweg. De partners willen deze problematiek oplossen. Ze maken plannen voor een tunnel of een brug.
Tunnel of brug ?
De Vlaamse overheid zal half 2011 een keuze maken tussen tunnel of brug. "We zullen hierbij rekening houden met de informatie uit het milieueffectenrapport, dat momenteel opgemaakt wordt, en sociale, economische en technische belangen. Verder zullen op de provinciesteenweg tussen de Jennekensstraat en de Wespelaarsebaan veilige fietspaden aangelegd worden en zal het comfort voor het openbaar vervoer verbeterd worden", zegt Tim Lonneux van het Agentschap Verkeer en Wegen.
Verkeersluwe stationsomgeving
Naast een heraanleg van de provincieweg, staat ook de volledige vernieuwing van de stationsomgeving op het programma. "We zullen hierbij veel aandacht geven aan het verkeersluw maken van het stationsplein, het verhogen van de verblijfskwaliteit en het versterken van de relatie met de omgeving. De pendelparking zal heraanlegd en vergroot worden. Daarnaast wordt er ter hoogte van het Stationsplein een comfortabele fiets- en voetgangersonderdoorgang aangelegd", zegt Julien Dekeyser, gedeputeerde voor ruimtelijke ordening en mobiliteit.
De provincie Vlaams-Brabant geeft subsidies voor de aanleg van een nieuw fietstracé op de Demerroute te Langdorp. Momenteel loopt dit fietsroutenetwerk nog langs de Testeltsesteenweg. Om deze drukke weg te vermijden, zal het nieuwe tracé midden 2010 worden aangelegd langs de Buikspoelstraat, de Peperstraat en de Demeroever tot aan het brugje van Langdorp.
"De nieuwe fietsweg is 1600 meter lang en 3 meter breed. Hij wordt aangelegd in een waterdoorlatende verharding, meer bepaald baksteenpuin dat bovenaan gefreesd en verhard wordt. We geven hiervoor een subsidie van 31.600 euro of 40% van de kostprijs", zegt Julien Dekeyser, gedeputeerde voor mobiliteit.
Het nieuwe traject sluit dan ook onmiddellijk aan op de reeds bestaande fietsweg naar Rillaar of de reeds bewegwijzerde Demerdijk naar Aarschot. Op deze manier wordt de Demerroute van Testelt tot Aarschot volledig autoluw of autovrij gemaakt. De Demerroute maakt deel uit van het recreatief knooppuntennetwerk. Ze loopt over het grondgebied van Diest, Scherpenheuvel-Zichem, Aarschot en Rotselaar.
22 creatieve teams streden in het Leuvense provinciehuis voor de titel van beste Vlaams-Brabantse Bikespotting-filmpje. De grote winnaar werd het filmpje "Bikespotting spot over fietsveiligheid" van het Leuvense duo Kevin Roelants en Gijs Meulemeester. De professionele vakjury was onder de indruk van het knappe camerawerk, de krachtige montage en de originele 'special effects'. Kevin (15) en Gijs (14) hebben ook een succesvolle campagne opgestart om hun sensibiliserend spotje rond de zichtbaarheid van de fietser te promoten. Ze slaagden erin om heel wat media-aandacht aan te trekken.
"De professionele vakjury heeft het dit jaar moeilijk gehad. Het aantal deelnemende Bikespotting-filmpjes is immers meer dan verdubbeld en er waren diverse sterke en originele wedstrijdfilmpjes. Nieuw was ook dat sommige filmpjes de aandacht vestigden op de belangrijke rol van autobestuurders. Dat is natuurlijk terecht. Fietsers moeten zorgen dat ze gespot worden, maar ook autobestuurders dragen een deel van de verantwoordelijkheid. Zo is het bijvoorbeeld belangrijk dat nieuwe autobestuurders onmiddellijk bepaalde kijkgewoontes aannemen", zegt Julien Dekeyser, gedeputeerde voor mobiliteit.
Niet alleen het populaire spotje van Kevin en Gijs viel in de prijzen. De derde prijs ging naar het verrassend originele filmpje van het creatieve duo Charlotte Detemmerman en Mouna Messaoudi. De vakjury was aangenaam verrast door de suggestieve kracht van de geluidsmontage zonder beelden. Charlotte en Mouna spelen in op de verbeeldingskracht van de kijker en treden op deze manier in de voetsporen van Hitchcock. Maar ook de nieuwe inzending van de scouts van Wemmel, winnaars van het eerste Bikespotting-filmfestival, was ijzersterk. De kortfilm van Malko Van den Borre slaagde er op een meesterlijke wijze in om de kijker emotioneel te betrekken bij een "kroniek van een aangekondigd fietsongeluk". De vakjury beloonde het knappe montagewerk met de tweede prijs.
In het najaar van 2009 trok de provincie Vlaams-Brabant een campagne op gang om het bikespotten en gebikespot worden te promoten. Blikvanger was de filmwedstrijd. Jongeren werden uitgedaagd om met een gsm, fototoestel of camcorder een filmpje te maken en op Youtube te posten. De provincie ontving 22 originele filmpjes.
De ingezonden filmpjes waren 'Spot over fietsveiligheid met Gijs en Kevin' uit Leuven, 'SIGO Lennik' uit Roosdaal, 'Esthetica' uit Schaarbeek, 'StarWars vs Astronout' uit Mollem, 'Bikespotting.wmv' uit Machelen, 'Hoe maak je jou veilig in het verkeer?' uit Sint-Joris-Weert, van BVL Miniemeninstituut Leuven, van Rakkers Chiro Londerzeel, 'Kabouter Varkie' uit Herent, 'Bikespotting 0002' uit Londerzeel, 'Bikespotting R-J' uit Kessel-Lo, 'I represent Mr. Flashiman' uit Vilvoorde, 'Bikespotting Mini's' van Chiro Londerzeel, 'Superheld vs vliegtuig' uit Mollem, 'Bikespotting Kerels Klaas' uit Steenhuffel, 'Kawellen' van Scouts Wemmel, van de Kerels Chiro Vlierbeek uit Kessel-Lo, 'Bikespotting Chiro Londerzeel Grand Theft Auto 5' uit Londerzeel, 'Bikespotting (002)D.C. wmv' uit Weerde, 'Bikespotting ! Zeppe en Zikki : Zie gij mij staan ?!', uit Vilvoorde, 'Shine With Us and Change the World' van Mater Dei Leuven en 'Bikespotting D en T' uit Machelen.
De provincie Vlaams-Brabant ijvert al jaren voor een goed uitgebouwd openbaar vervoer. Nu De Lijn haar Mobiliteitsvisie 2020 uitgewerkt heeft, vraagt de provincie prioritaire aandacht voor de meest filegevoelige regio van Vlaanderen. Er dient hoofdzakelijk geïnvesteerd in hoogwaardige openbaarvervoer-verbindingen ten westen van Leuven en zeker in de luchthavenregio.
De voorbije jaren schaarden de provincie Vlaams-Brabant en De Lijn Vlaams-Brabant zich eendrachtig achter de realisatie van het RegioNet Brabant-Brussel. De Lijn heeft het afgelopen jaar haar Mobiliteitsvisie 2020 uitgewerkt. Deze Mobiliteitsvisie werd geconcretiseerd in een overzicht van openbaarvervoer-verbindingen voor de respectievelijke entiteiten van De Lijn.
"Onze provincie is bij uitstek de meest filegevoelige regio in Vlaanderen. Dit werd de voorbije dagen nog maar eens geïllustreerd. Alleen al hierom kan het belang van de uitbouw van een kwalitatief openbaar vervoer in Vlaams-Brabant moeilijk onderschat worden. De budgettaire inspanningen van de Vlaamse regering in het kader van de Mobiliteitsvisie 2020 van De Lijn dienen dan ook prioritair naar onze regio te gaan" bepleit Julien Dekeyser, gedeputeerde voor mobiliteit.
"De uitbouw van hoogwaardige openbaarvervoer-verbindingen in het deel van onze provincie ten westen van Leuven zijn hierbij van cruciaal belang. Concreet denken we dan aan de verbindingen Boom-Brussel, Haacht-Brussel, Ninove-Brussel, Leuven-Tervuren-Brussel en in het stedelijk gebied rond Brussel".
Omwille van het belang van de ontsluiting van de bedrijvenzones in de luchthavenregio vraagt de provincie tevens dat de ontwikkeling van Diegem-station als openbaarvervoer-knooppunt prioritair wordt aangepakt.
De provincie Vlaams-Brabant gaat de problemen van permanent wonen in weekendverblijven en campings grondig aanpakken. De provincieraad keurde het voorstel om te starten met een onderzoek naar de knelpunten goed. De bedoeling is om na te gaan welke planologische oplossingen er mogelijk zijn om deze problematiek aan te pakken.
"Dankzij de inventaris die de gemeenten onlangs opstelden, weten we dat er in onze provincie een 2.000-tal percelen bestaan van weekendverblijven en campings waar de problematiek van permanente bewoning aanwezig is", zegt Julien Dekeyser, gedeputeerde voor ruimtelijke ordening. "Met dit overzicht in de hand kunnen we nu starten met het eigenlijke onderzoek naar de noden van deze weekendverblijven en campings".
Doel van dit onderzoek is een visie ontwikkelen over de rol en het nut van de bestaande clusters en campings. Hoeveel terreinen dienen we in de toekomst te behouden om de toeristisch-recreatieve vraag binnen de regio op te vangen ? Welke terreinen komen niet meer in aanmerking om de behoefte op te vangen ? Welke campings en weekendverblijfsterreinen kunnen omgevormd worden tot huisvestingsprojecten ? "We gaan in de komende maanden deze vragen beantwoorden én werk maken van een langdurige oplossing voor deze problematiek. Voor sommige terreinen betekent dit dat permanent wonen zal mogelijk gemaakt worden, voor andere zal de recreatieve functie behouden blijven", aldus gedeputeerde Julien Dekeyser.
Reeds in 2007 werd een provinciaal ruimtelijk uitvoeringsplan goedgekeurd dat een kwalitatief woonaanbod in voormalig recreatiegebied mogelijk maakt in de regio Boortmeerbeek, Zemst, Haacht en Kampenhout. "Dit uitvoeringsplan dient als inspiratiebron en heeft een voorbeeldfunctie voor de andere provincies. De door ons gebruikte methodiek werd immers meegenomen in de nieuwe Vlaamse Codex Ruimtelijke Ordening, die sinds 1 september 2009 geldig is", zegt gedeputeerde Dekeyser.
Deze Codex bepaalt dat de bevoegde overheden moeten onderzoeken of er planologische oplossingen zijn voor knelpunten op het vlak van inplanting en permanente bewoning van weekendverblijven. Omdat de problematiek gelijkaardig is en eveneens al jaren aansleept, kiest de provincie Vlaams-Brabant ervoor ook de campings mee te nemen in haar onderzoek.
Gedeputeerde Julien Dekeyser apprecieert het initiatief van de ministers Hilde Crevits en Brigitte Grouwelsom o.a. werk te maken van een betere afstemming tussen de vervoersmaatschappijen De Lijn en MIVB en een dynamisch verkeersmanagement voor de Ring rond Brussel. Hij benadrukt ook het belang van de afstemming en aansluiting tussen het provinciale fietsroutenetwerk en het fietsroutenetwerk van het Brusselse Gewest.
"De mobiliteitsproblematiek van de provincie is sterk verbonden met die van Brussel. De aanwezigheid van het Brusselse Hoofdstedelijke Gewest binnenin het grondgebied van de provincie, is een uniek gegeven. Brussel geeft de provincie Vlaams-Brabant het beeld van een donut die het Brusselse Gewest omringt. Als sterke aantrekkingspool trekt Brussel heel wat pendelende Vlaams-Brabanders aan", zegt Julien Dekeyser.
Zowel voor de provincie Vlaams-Brabant als voor het Brusselse Gewest is het belangrijk om de bereikbaarheid én verkeersleefbaarheid van de ruimere regio te vrijwaren. Dit kan door meer duurzame vervoerswijzen te promoten. Daarom wil de provincie de reeds ingeslagen weg verder bewandelen en werk maken van een aantal snelle fietsverbindingen naar het Brussels Gewest. Zo wil de provincie onderzoeken of het haalbaar is om een nieuwe fietssnelweg van Asse naar Brussel te realiseren langs spoorweg 60 (Opwijk, Merchtem en Asse). Deze fietsroute kan o.a. zorgen voor een goede ontsluiting van het universitair hospitaal in Jette en een aantal belangrijke bedrijventerreinen in Asse en Brussel.
"Indien deze nieuwe fietssnelweg haalbaar is, dan zal de provincie de route opnemen in het provinciale fietsroutenetwerk. Ik zou minister Brigitte Grouwels dan ook willen oproepen om mee na te denken over de aansluiting met het fietsroutenetwerk van het Brusselse Gewest", aldus nog Julien Dekeyser.

De provincie Vlaams-Brabant is al meer dan tien jaar bezig met verplaatsingen per fiets. Onlangs keurde de deputatie een nieuw fietsactieplan goed. Hiermee wil ze het bovenlokaal functioneel en recreatief fietsroutenetwerk volledig befietsbaar maken tegen 2020.
"We willen van Vlaams-Brabant de fietsprovincie nummer één maken", zegt Julien Dekeyser, gedeputeerde voor mobiliteit. "Fietsen is immers een gezonde en duurzame vorm van mobiliteit. Nergens anders in ons land is zo'n filevorming en zitten de autowegen zo vol, nergens anders zijn er zoveel activiteiten geografisch zo dicht bij elkaar gesitueerd. De fiets is dan hét vervoersmiddel bij uitstek, zowel om naar school, het werk of de winkel te gaan".
Het fietsgebruik in onze provincie
Vlaams-Brabant heeft heel wat te bieden aan de fietser, zowel recreatief als functioneel. Voor de recreatieve fietser zijn er de bewegwijzerde routes en de knooppuntennetwerken en de rustige buurt- en voetwegen. Voor de functionele verplaatsingen werkt de provincie aan een bovenlokaal fietsroutenetwerk. Dat moet tegen 2020 klaar zijn. Op dit moment gebruikt 7,3 % van de Vlaams-Brabanders de fiets voor woon-werkverplaatsingen. Dat is een slechte score. Het Vlaamse gemiddelde is immers 12,4 %. "De provincie wil dan ook dit percentage opkrikken naar zo'n 12 %. Het potentieel is onbetwistbaar aanwezig. We zullen de fiets dan ook meer promoten als onderdeel van de verplaatsingsketen. Het is een mooie aanvulling op het openbaar vervoer", zegt gedeputeerde Julien Dekeyser.
Met de fiets verliest men niets
De fiets biedt heel wat voordelen. Fietsen is gezond en goed voor de conditie. Regelmatig fietsen draagt door de productie van de stof endorfine in de hersens bij tot het psychisch welzijn. De fietser is van niemand afhankelijk : geen files, geen dienstregelingen, geen vertragingen, geen nodeloos zoeken naar een parkeerplaats. De fiets verbruikt geen brandstof wat goed is voor het milieu en de portemonnee. "De maatschappij kan dus heel wat besparen op allerlei vlakken door een stijging van het fietsgebruik", bedenkt Julien Dekeyser.
Vlaams-Brabant op de fiets
De provincie Vlaams-Brabant wil tegen 2020 het bovenlokaal functioneel en recreatief fietsroutenetwerk volledig befietsbaar maken zodat iedere gebruiker kan fietsen over comfortabele maar vooral veilige fietspaden of wegen. "De provincie is al tien jaar actief bezig met fietsbeleid voor doelgerichte verplaatsingen en nog zo veel langer met recreatief fietsen. Het belang van de fiets voor zowel functionele verplaatsingen als voor recreatief gebruik zet ons ertoe aan om sterk in te zetten op het stimuleren van het fietsgebruik. Naast de sensibilisatie van specifieke doelgroepen zoals scholieren van basis- en secundair onderwijs en andere communicatie en informatie-initiatieven zetten we vooral in op het uitbouwen van een kwalitatieve fietsinfrastructuur. Het eerste bovenlokaal functioneel en recreatief fietsroutenetwerk werd in 2002 door de provincieraad goedgekeurd. Tegelijkertijd werd een fietssubsidiereglement goedgekeurd om dit uitgetekend netwerk ook op het terrein te realiseren. Gemeentebesturen die een fietspad aanleggen op het functioneel fietsroutenetwerk ontvangen hiervoor 80 % subsidies uit het Fietsfonds. Zowel de provincie als de Vlaamse overheid geeft 40 % subsidies. Daarnaast geeft de provincie ook 40 % subsidies voor fietspaden op het recreatief netwerk", zegt Julien Dekeyser, gedeputerede voor mobiliteit.
Het ruimtelijk structuurplan Vlaams-Brabant wordt vijf jaar. De richting is uitgezet en de eerste resultaten zijn binnen. De provincie zocht en vond rumte voor wonen, werken en ontspannen.

Resultaten vijf jaar ruimtelijk structuurplan
Na vijf jaar zijn de eerste resultaten binnen. In deze periode ging de aandacht vooral naar de ontwikkeling van de stedelijke gebieden. Voor Aarschot, Diest en Tienen zijn concrete voorstellen uitgewerkt. Speerpunten van het beleid waren ook de reconversie van oude bedrijventerreinen, zoals dat van Renault-Vilvoorde, en de ontwikkeling van de stationsomgevingen van Aarschot, Diest en Tienen.
"De provincie wil de economische activiteiten bundelen in economische knooppunten, zoals Londerzeel, Ternat en Kampenhout-Sas. Zij bieden nieuwe kansen aan de economische ontwikkeling van de subregio's", zegt gedeputeerde Julien Dekeyser.
Naast wonen en werken ondernam de provincie Vlaams-Brabant ook acties op maatschappelijk relevante terreinen, zoals de herstructurering van de grootschalige kleinhandel om de woekering van baanwinkels tegen te gaan, de problematiek van recreatief campingwonen en de uitdagingen in het buitengebied en de open ruimte. Het Vlaams-Brabantse proefproject 'recreatief wonen in de regio Zemst-Kampenhout-Haacht-Boortmeerbeek' kreeg zelfs navolging in het Vlaamse decreet over ruimtelijke ordening.
Nieuwe uitdagingen voor de toekomst
"Daarmee is het werk verre van af. Zo gaan we de komende jaren werk maken van de ontwikkeling van de stedelijke gebieden Halle en Asse, en zorgen voor extra mogelijkheden voor recreatieve activiteiten. We blijven inzetten op de stationsomgevingen en starten met Haacht een nieuw project op. Op bestaande industrieterreinen is er nog ruimte beschikbaar. We gaan ervoor zorgen dat ze ten volle benut worden. Anderzijds is er nood aan de uitbreiding van bestaande bedrijvenzones in de steden. Verder gaan we de concentratie van grootschalige kleinhandel, die complementair zijn aan de handelscentra in de steden, consolideren. Buiten de steden zijn landbouw, natuur en bos belangrijke functies. We gaan met gerichte acties het platteland ontwikkelen. We zullen alle beschikbare middelen inzetten om Vlaams-Brabant te laten uitgroeien tot een plek waar het aangenaam wonen, werken en vertoeven is", besluit Julien.